*

 

'Leeftijd is bij arbeid irrelevant'

Wilma van Meteren − 25/03/04, 00:00

Oudere werknemers zijn duur en lang niet zo productief als jongeren. Ze moeten er dus uit. ,,Een grove misvatting'', zegt hoogleraar Rafael Wittek. Leeftijd is volstrekt irrelevant.''

AMSTERDAM - ,,Het is het verhaal van het verhuisbedrijf'', illustreert Rafael Wittek, hoogleraar sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ,,De werknemer van 60 jaar kan veel minder sjouwen dan toen hij als 20-jarige in dienst kwam. Hij is 'te duur' geworden.''

De kwestie van leeftijd en arbeidsproductiviteit is echter niet zo klip en klaar. En generaliseren mag al helemaal niet, stelt socioloog Wittek. ,,Veel werknemers zijn ooit in dienst genomen met de belofte dat ze door konden groeien. Bedrijven wilden zo personeel aan zich binden. In die startfuncties waren werknemers relatief goedkoop. Als je het afweegt tegen hun productiviteit, dan werd deze starters eigenlijk te weinig betaald. Maar dat doorgroeien naar betere verdiensten zat ingebakken in het arbeidscontract. Dus je kunt stellen dat die werknemers op latere leeftijd gecompenseerd worden voor hun investeringen en bijdrage aan de productie in jongere jaren.'' Veel werkgevers lijken in deze tijd dit onderdeel van de afspraken echter te vergeten, constateert de hoogleraar.

Bovendien is dat maar een deel van het verhaal. Het mag duidelijk zijn dat de verhuizer op leeftijd minder kan sjouwen, het is zeker niet zo dat oudere werknemers in het algemeen minder productief zijn dan jongeren. En het is al helemaal 'idioot' om de grens voor oudere werknemer bij 45 jaar te leggen, zegt Wittek. Volgens hem hangt veel af van de sector, de functie en zelfs het beleid van het bedrijf waarin iemand werkzaam is. ,,Een adviesbureau dat een zware klus krijgt zal op zijn interne arbeidsmarkt toch al gauw uitkomen bij zijn mensen met grijze haren en een berg ervaring.''

De hoogleraar verwijst ook naar een uitgebreid onderzoek van de Duitse arbeidseconoom Thomas Dohmen, die de verhoudingen tussen leeftijd en prestatie onderzocht bij 17000 werknemers van vliegtuigbouwer Fokker. Daaruit bleek dat oudere werknemers wel degelijk productiever en dus hun hogere salaris waard waren. ,,Het weerlegt het standaardbeeld dat in de hoofden van de mensen zit. Hoe oud een werknemer is is volstrekt irrelevant.''

Wat in de discussies over de positie van oudere werknemers nogal eens wordt vergeten, is wat Wittek 'de zachte kant' noemt. ,,Aan elke taak zitten vaardigheden vast die moeilijk te meten zijn, maar evenzo belangrijk. Door hun ervaring en overwicht op jongere collega's werken ouderen als smeerolie in een bedrijf; dat telt in hun arbeidsproductiviteit niet mee.''

Enigszins laconiek reageert de wetenschapper op het politiek gekrakeel rond de levensloopregeling, het prepensioen en doorwerken tot 65 jaar. ,,De waan van de dag. Deze discussie duikt regelmatig op en is sterk gerelateerd aan de situatie op de arbeidsmarkt.'' Zelf pleit hij voor flexibiliteit om ouderen aan de slag te houden. ,,Straks zitten al die manjaren ervaring en deskundigheid thuis werkloos op de bank.'' Maar volgens hem heeft het geen zin om een beleid uit te stippelen waarin 'alles en iedereen over één kam wordt geschoren'. Een bedrijf kan het beste bepalen waar een werknemer het beste inzetbaar is.

Daarbij moet er wel een beschermingsconstructie zijn voor werknemers om te voorkomen dat ze worden gedumpt. Wittek is niet bevreesd ,,voor Amerikaanse toestanden met honderdduizenden die zijn veroordeeld tot de gaarkeuken. Daarvoor is de verzorgingsstaat te sterk geworteld in Nederland.''

Dat het midden- en kleinbedrijf bezuinigt op het personeel in verband met de hoge loonkosten en massaal voor machines kiest, ziet hij niet als een bedreiging. ,,Dat is al zo sinds het begin van de Industriële revolutie. Voor de banen die daardoor verloren gaan, komen elders weer nieuwe terug.''

mailIcon print |