*

 

Wankele momenten inbouwen daar hou ik van. Merlijn Twaalfhoven wil dat mensen zich gaan afvragen: 'wat gebeurt hier?'

door PETER VAN DER LINT − 14/02/04, 00:00

Een multizintuiglijke ontdekkingstocht. Zo wordt het project aangekondigd dat vanavond -eenmalig- plaatsvindt in de Amsterdamse Stadsschouwburg, waar Toneelgroep Amsterdam deze maand op de tamtam slaat om jongeren het theater in te lokken. TGA's artistiek leider Ivo van Hove vroeg de jonge Nederlandse componist en project-organisator Merlijn Twaalfhoven om op zijn eigen vernieuwende wijze nu eens iets met acteurs te doen in plaats van met musici. Twaalfhoven heeft in de klassieke-muziekwereld opzien gebaard door het verwachtingspatroon van musici en concertbezoekers te doorbreken en verwarring te zaaien.

,,Ik kan zelf slecht stilzitten'', verklaart Twaalfhoven die alternatieve houding. ,,Ik ken en waardeer de setting van een klassiek concert, maar het publiek zit stil en speelt er geen essentiƫle rol bij. Ik probeer bij mijn projecten het publiek actief te maken, door bijvoorbeeld de muziek zonder duidelijke aankondiging te laten beginnen, zodat de mensen in de zaal zich ineens bewust worden dat het misschien al begonnen is en ze hun aandacht moeten sturen. Ideaal is als iemand zich bewust is van wat hij hoort of zojuist gehoord heeft. Als je een fluitist een mooie solo geeft, weet je dat iedereen in de zaal daarnaar kijkt. Met dat gegeven ga ik aan de slag en geef bijvoorbeeld een altviolist die achter aan zijn groep zit een opvallende solo.''

,,Wankele momenten inbouwen, daar hou ik van, verbazing oproepen, zodat mensen zich gaan afvragen: 'wat gebeurt hier?' In een museum bepaal ikzelf in een paar seconden of ik iets mooi vind, waar ik wat langer naar wil kijken, maar een concertpubliek is overgeleverd aan de tijd die de kunstenaar bepaald heeft. Zo'n kunstenaar, die steeds een meesterwerk afscheidt, wil ik niet zijn. Ik voel me tijdens het componeren als een schilder die in het donker aan het schilderen is, als een architect die een plan ontwerpt. Een partituur is slechts een maquette. Na een concert waarin een nieuw stuk van mij gespeeld is, denk ik altijd: 'zo, en nu aan het werk'! Voor mij is het zoeken en klooien van muzikanten even belangrijk. Ik maak graag stukken voor beginners, voor fanfare-orkesten, want aan professionele musici is mijn wens maar moeilijk uit te leggen. Ik heb nu discussie met de musici van het Asko Ensemble voor een project in Paradiso. Ik wil dat ze zo min mogelijk met een dirigent werken en heel ver uit elkaar staan. Ik help hun structuur om zeep omdat ze vinden dat ze niet meer spatgelijk kunnen spelen en dat is toch waarvoor ze zijn opgeleid. Volgens mij levert het wel een rijkere ervaring voor het publiek op.''

Van Hove vroeg Twaalfhoven dus om iets vergelijkbaars te doen voor zijn acteurs en zijn publiek. De opdracht was om zoveel mogelijk de scheiding tussen zaal en podium op te heffen. Op basis van teksten uit 'Koerskmonologen' en 'De vrouwen van Moermansk' -beide theaterteksten handelen over de ramp met de Koersk-onderzeeƫr- ontstond de voorstelling 'Nacht in de Barentszzee'. Bezoekers worden individueel of in kleine groepjes meegenomen door acteurs; ze zijn daarbij gedeeltelijk geblinddoekt en volledig aangewezen op degene die hen aan de hand meeneemt. ,,Op die manier ben je als 'blinde' bezoeker alleen maar aan het waarnemen en kun je niet interpreteren'', legt Twaalfhoven uit. ,,Het is een hele gok, deze voorstelling omdat je er niet echt voor kunt repeteren. De tegenspelers van de acteurs zijn in dit geval de bezoekers en je moet afwachten hoe die interactie werken zal. Het moet heel subtiel worden. Het is zeker niet de bedoeling om een soort spookhuis te maken. Na een duistere tocht door de catacomben van de schouwburg komen de bezoekers in de grote zaal; daar zullen tussen het publiek zangers zitten en spelen verspreid opgestelde musici nieuwe muziek van mij. Het zou het mooist zijn als mensen zich volledig kunnen overgeven en overleveren. Daar leer ik ook weer van.''

mailIcon print |