De Nederlandse maakindustrie verplaatst steeds meer productie naar het buitenland. Ook onderzoek en ontwikkeling gaan die kant op. Meer aandacht voor scholing en innovatie is wat de industrie hier kan houden.
Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek naar de Nederlandse maakindustrie, 'Made in Holland', van adviesorganisatie Deloitte. Zestien procent van de 206 bedrijven (met meer dan vijftig werknemers) die meewerkten aan het onderzoek, heeft al essentiële productie verplaatst naar het buitenland. Nog eens 34 procent denkt dat te gaan doen, voor het merendeel binnen twee jaar.
De meerderheid van de bedrijven verwacht dat binnen tien jaar de klassieke industriële productie grotendeels is verdwenen uit Europa. Azië en, in mindere mate, Oost-Europa nemen de rol van producent over.
,,We mogen ons met recht zorgen maken over West-Europa'', zegt directeur Hans Bouland van Stork in het rapport. Hij trekt zelfs een vergelijking met de Titanic, het schip dat zogenaamd niet kon zinken. ,,Als we niet snel actie ondernemen, gaan we letterlijk ten onder.'' Ook Stork zal in de toekomst meer in het buitenland gaan produceren.
Bouland wijt de verschuiving niet aan een gebrek aan kennis en ook niet speciaal aan de hogere kosten in West-Europa, maar aan de mentaliteit van vooral de Aziatische werknemers, die langer en harder werken dan Europeanen.
Deloitte legt wel de nadruk op de loonkosten, die in Nederland te hoog zijn. En werkgeversorganisatie VNO-NCW wijst op de starre arbeidsmarkt. Die zorgt ervoor dat Nederlanders die hun baan kwijt raken als productie verplaatst, niet snel weer aan het werk komen. In de VS gaat dat veel makkelijker, aldus VNO-NCW.
Ook onderzoek en ontwikkeling zullen steeds meer verhuizen naar Oost-Europa en Azië, zo is de verwachting bij de ondernemers. De bedrijven gaan ervan uit dat zij over vijf jaar amper zeventig procent van hun onderzoek en ontwikkeling nog in Nederland uitvoeren, tegen ruim 76 procent nu.
Rick Harwig, topman van Philips Research, ziet zelfs enorme kansen voor onderzoek in China. ,,We moeten van de angst af en vanuit de eigen sterktes opereren. Kennis, in tegenstelling tot geld, vermeerdert als je het deelt.''
Een totale uittocht uit Nederland moet voorkomen worden, vinden de ondernemers. Het Nederlandse onderwijs moet verbeteren en vooral beter aansluiten bij de vraag van het bedrijfsleven. Innovatie moet meer kans krijgen. De inspanningen van het innovatieplatform, van premier Balkenende, zijn nog onvoldoende.
Een meerderheid van de bedrijven is voorstander van protectionistische maatregelen. Die moeten gelden voor producten uit landen waar de regelgeving, bijvoorbeeld op het gebied van milieu en kinderarbeid, minder strikt is dan in Nederland.
De ondernemers zijn in het afgelopen jaar somberder geworden over de ontwikkeling van de economie. Het percentage ondervraagden dat herstel binnen een jaar verwacht, is gedaald van 46 naar 26.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.