Een merkwaardige gang van zaken, maar een zegen voor het spel. Matty Verkamman, geschiedschrijver van het Nederlands elftal en Trouwcolumnist, over de benoeming van de nieuwe bondscoach.
Oranje en Marco van Basten, dat is altijd een vreemde combinatie geweest.
Het begint er in het najaar van 1983 al mee dat de dan 18-jarige spits van Ajax door bondscoach Kees Rijvers wordt geselecteerd voor de in Groningen te spelen EK-match tegen IJsland. Gevraagd naar een reactie op dit voor hem bijzondere nieuws, antwoordt hij: ,,Goh, ik wist niet eens dat het Nederlands elftal moest spelen.”
Van Basten scoort niet in de met 3-0 gewonnen wedstrijd, maar dat hij een wereldvoetballer wordt, staat voor alle kenners vast. ,,Marco is een sensationeel talent, het is een genot hem te zien voetballen”, aldus Kees Rijvers, de vaderlijke bondscoach die zijn jonge internationals beschermt tegen alle heftige kritiek en om die reden tot op de dag van vandaag door die spelers bijzonder wordt gerespecteerd.
Ook Marco van Basten heeft uiteindelijk meer waardering voor Rijvers dan voor de man die hij veel langer als bondscoach meemaakt: Rinus Michels. Tijdens het zo glorieus geëindigde EK van 1988 presteert Michels het Van Basten aanvankelijk buiten het elftal te houden. Johan Cruijff, dan al de steun en toeverlaat van Van Basten, vindt dat bespottelijk en adviseert Marco onmiddellijk naar huis te gaan.
Zo ver komt het net niet. Wanneer Van Basten in tweede instantie zijn kans krijgt, laat hij zijn voeten spreken. Zijn fabuleuze doelpunten in Duitsland accentueren het ongelijk van Michels, de coach met wie hij ook in 1990 overhoop ligt. De vedetten van Oranje zijn dan op hun top. Ze denken wereldkampioen te kunnen worden en willen absoluut met Cruijff naar de WK-eindronde in Italië. Maar KNVBbestuurslid Rinus Michels beslist anders: niet Cruijff, maar Michels' werkvriend Leo Beenhakker moet het doen. Het wordt een afgang. Er is totaal geen chemie tussen spelers en coach. Marco van Basten is woedend en heeft geen goed woord over voor het machtsspel van Michels, dat erop gericht lijkt Cruijff buiten de deur te houden.
De eerzuchtige Marco van Basten heeft dan al lang vastgesteld dat aan de top speciale wetten gelden. De bes-ten moeten zo sterk mogelijk worden gemaakt, zo simpel is het. Al voor zijn overgang naar AC Milan verbaast Van Basten als jonge speler van Ajax zijn medespelers met soms meedogenloze kritiek. Het moet zoals hij het wil - precies zo heeft zijn voorbeeld Johan Cruijff in het voetballeven gestaan.
Wel, bij Oranje gaat het meestal niet zoals Marco van Basten het wil. Hij heeft steeds weer te maken met bondscoaches, die hij niet altijd serieus kan nemen. Mede om die reden is de negen jaar durende interlandloopbaan van Van Basten nogal vaal. Naast zijn fantastische spel op het EK van 1988 en een paar goede wedstrijden op het EK van 1992 in Zweden, valt hij ook op door de stoet van penaltymissers te openen. Twee keer faalt hij vanaf de stip, thuis in de oefenwedstrijd tegen België en in Zweden in de halve finale tegen Denemarken.
De manier waarop Marco van Basten nu als onervaren trainer bij het Nederlands elftal wordt geparachuteerd, is exemplarisch voor het denken en handelen van Johan Cruijff. Bepaald niet voor het eerst bedient Cruijff zich van zijn geheel eigen manier van machtsdenken. In het verleden zijn collegainternationals hier de dupe van geworden. Zo brak ooit het machtswoord van Cruijff de interlandcarrières van de PSV'ers Jan van Beveren en Willy van der Kuijlen.
Het is de zwakte van een organisatie als de KNVB dat Cruijff de mogelijkheid wordt geboden precies die mensen bij Oranje te posteren, die hij op het oog heeft. Anderzijds is het voor de ware voetballiefhebber een zegen dat Cruijff nu gebruikmaakt van het vacuüm dat de KNVB zelf creëert.
De grootste sportbond van Nederland beschikt aan de top niet eens over een technisch directeur. De belangrijkste functionaris, de bondscoach, moet in feite worden benoemd door de directeur betaald voetbal (de gewezen advocaat Henk Kesler). Deze Bondsbons heeft net zoveel (of weinig) verstand van voetbal als die andere zestien miljoen bondscoaches van dit land. Zo bezien moet iedereen zich gelukkig prijzen met Johan Cruijff als 'klankbord' voor zijn protégés Marco van Basten en John van 't Schip. Het Nederlands elftal heeft nu wel genoeg oninteressante wedstrijden gespeeld.
Als coach mag Van Basten een groentje zijn, over zijn spelopvatting kan men zich bij voorbaat verkneukelen. Net als Cruijff is hij een aanvallende, avontuurlijke denker. De weg is thans vrij voor grote, jonge talenten als Wesley Sneijder en Rafael van der Vaart.
De nieuwe bezems van Oranje zul-len ongetwijfeld schoon vegen. Maar met het duo Van Basten/Van 't Schip aan het roer en Cruijff in het vooronder krijgt Oranje wel een heel nadrukkelijk Amsterdams accent. Het Nederlands elftal is van iedereen, en niet de speeltuin van Ajax. Oranje moet ook nog in de Kuip en in het Philips Stadion kunnen voetballen.
Mede om die reden zou het van Van Basten en Cruijff verstandig zijn geweest Willem van Hanegem niet over het hoofd te zien. Een bondscoach heeft natuurlijk het recht zijn eigen assistent te kiezen. Maar nu het om een beginnende trainer gaat, lijkt het niet zo slim naast hem ook nog een man te benoemen die weliswaar iets meer ervaring heeft, maar dan toch vooral als mislukte trainer van FC Twente.
Te gemakkelijk wordt voorbijgegaan aan de verdiensten van de ervaren Van Hanegem. Wanneer de KNVB Van Hanegem 'oude politiek' simpelweg terzijde schuift, hoeft niemand het te verbazen wanneer Van Hanegem straks de priemende televisierol van Johan Cruijff overneemt. Van Basten en de KNVB moeten er rekening mee houden dat ook Van Hanegem de publieke opinie eventueel stevig kan beïnvloeden. Als bondscoach kun je Cruijff of Van Hanegem maar beter niet tégen je hebben. Van die twee kan niemand het winnen. Zelfs Marco van Basten niet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.