Het is een bewuste keuze van defensie om zich in Zuid-Irak low profile te presenteren. Dit weekeinde kwam een 29-jarige Nederlandse marechausseee bij beschietingen om het leven.
AMSTERDAM - Nederlandse militairen patrouilleren veelal in open Mercedes-terreinwagens. Ze dragen wel scherfwerende vesten, maar geen helm omdat dat het contact met de lokale bevolking zou belemmeren. Per wagen staat één militair achter een mitrailleur; de chauffeur en bijrijder hebben hun Diemaco-geweer bij zich. Dat wordt bij het verlaten van het kamp half geladen: er gaat een magazijn met scherpe patronen in het geweer, maar dat moet nog worden doorgeladen om ermee te kunnen schieten.
Konvooien van Koeweit naar Samawah vice versa worden wel beschermd door de zogenoemde force protection die bestaat uit een pantserwagen, twee terreinwagens en twee Apache-gevechtshelikopters.
Behalve de SFIR-militairen verzamelt ook de Militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst ter plekke informatie over de mogelijke risico's voor de eigen troepen. In Den Haag worden op het Defensie-crisisbeheersingscentrum risicoanalyses gemaakt.
Na de incidenten die zich in april en mei van dit jaar voordeden, besloot het ministerie van defensie om een radarinstallatie tegen inkomende granaten te plaatsen in het hoofdkamp Camp Smitty en twee Apaches op de vliegbasis bij Tallil.
De zes beschoten militairen maken deel uit van Stabilisation Force Iraq (SFIR)-4, die sinds eind juni in Zuid-Irak verblijft. Vanwege de machtsoverdracht aan de tijdelijke Iraakse regering speelt SFIR-4 meer een rol op de achtergrond. De -door Nederlande militairen opgeleide- Iraakse politie en de nationale garde (leger) zijn primair verantwoordelijk voor het handhaven van de orde. SFIR-4 houdt in de gaten of dat goed verloopt en is ter versterking en ondersteuning op afroep beschikbaar.
In het kamp bij Roemaythah is de B-compagnie (ongeveer 180 militairen) gelegerd van 13 Infanteriebataljon luchtmobiele brigade uit Assen. Het kamp 'Moegahjem Al Salam' (tentenkamp van de vrede) ligt een kilometer ten noordoosten van Roemaythah. Bij eerdere SFIR-eenheden was het kamp in trek omdat het relatief klein is en de sfeer wat ongedwongener dan op Camp Smitty. Verschillende kaderleden van de B-compagnie, onder wie de commandant, hebben ook gediend bij Dutchbat-3 in Srebrenica.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.