Julius Minnaar, directeur van de Ster, stapt over naar de Tros. Minnaar wordt directeur van 'de grootste familie van Nederland' en verwacht daar veel van. Ondanks het zware weer dat de omroep te wachten staat. ,,Bij de Tros is heel veel gedrevenheid. Die vind je niet overal in Hilversum.''
Hij is inderdaad nog jong, knikt Julius Minnaar. Directeur worden van een omroep met zo'n 500000 veelal oudere leden is geen doorsnee carrièrestap voor iemand van 34 jaar. Maar 'dit kwam voorbij' en hij heeft de kans met twee handen aangegrepen. ,,Het klikte meteen goed.''
In januari begint Minnaar als directeur van de Tros, de publieke omroep die zich afficheert als 'de grootste familie van Nederland'. De Tros is de omroep van de grote gemene deler, van het gezellige Nederlandse lied, van Kabouter Plop, Ivo Niehe en feestelijke spelshows als 'De Postcodeloterij'. Daar is niets mis mee, vindt Minnaar. ,,Ik voel me thuis bij de Tros. Het is een organisatie die een breed publiek wil bereiken. En de Tros is consumentgericht, met programma's als 'Radar' en 'Opgelicht'. Mainstream ja, maar een groot deel van Nederland is dat ook. Daar heb ik niets tegen, daar voel ik me juist betrokken bij.''
De Tros is een goed voorbeeld van de verscheidenheid binnen de publieke omroep, vindt Minnaar. ,,Alleen de Tros zou niet goed zijn, de kleine doelgroepen moeten ook worden bediend. Maar ik geloof heilig in het naast elkaar bestaan van al die verschillende omroepen met ieder hun eigen achterban. Dat is een groot goed, het is de kracht van de publieke omroep.'' Zoals wat hem betreft ook de omroepverenigingen de kurken zijn waarop het bestel drijft, ondanks de discussie die daar steeds weer over oplaait.
In voorbereiding op zijn nieuwe baan woonde Minnaar laatst een ledenvergadering van de Tros bij. ,,Het was mooi om te zien, het viel me echt mee. Het waren niet alleen ouderen, er zaten ook veel dertigers en veertigers. Wat ik vooral leuk vind is dat mensen zich zo betrokken voelen bij hun omroep; daar willen ze heel veel voor doen. Het is het idee dat je toch nog wat invloed kunt uitoefenen op wat er te zien en te horen is. Vergis je niet: televisie speelt een heel grote rol in het dagelijks leven van mensen. Juist dáárom is de omroep een taak van de overheid. Er zijn nou eenmaal programma's waaraan wel behoefte bestaat, maar die commercieel niet interessant zijn. Die moet je als overheid zorgvuldig bewaken.''
Tot zover het idealisme; Julius Minnaar is zich terdege bewust van de donkere wolken die boven het publieke omroepbestel hangen. Er moeten miljoenen euro's worden bezuinigd, er woedt een politieke discussie over het bestaansrecht van de verenigingen, en dan is er ook nog de strijd over de programmagegevens. Dat laatste zou wel eens voor grote problemen kunnen zorgen, denkt Minnaar.
Eerder deze maand dienden de kamerleden ürgü (VVD) en Bakker (D66) een initiatiefwetsvoorstel in. De twee willen dat de programmagegevens, nu nog eigendom van de omroepen, kosteloos aan derden ter beschikking worden gesteld. Daarmee komt een eind aan een jarenlange juridische strijd over de programmagegevens. Vooral dagblad De Telegraaf en het commerciële mediaconcern HMG (RTL4, RTL5 en Yorin) zullen verheugd zijn: beide mediabedrijven hebben plannen voor het uitgeven van een eigen omroepgids.
Voor de omroepverenigingen kan het vrijgeven van de programmagegevens desastreus uitpakken. De leden, op dit moment nog bepalend voor het aantal uren zendtijd van een omroep, zijn voor het overgrote deel 'gidsleden'. Mensen nemen een abonnement op een programmablad en worden daarmee automatisch lid van een omroep. Als die massaal gaan opzeggen, is de legitieme basis van de omroepen weg. Julius Minnaar: ,,Ik erger me eraan dat niet eerst een politieke discussie wordt gevoerd over wat dán de basis moet zijn voor zendtijd. Dit is een omgekeerde werkwijze, een alternatief is er niet. Onbegrijpelijk.'' Wat de Tros betreft, toont Minnaar zich niettemin optimistisch. ,,Stel, 20 procent van de Tros-leden zegt op omdat ze in het vervolg hun programmagegevens van De Telegraaf krijgen, dan houden we nog altijd 80 procent over. Niet gek, toch?''
Minnaar kan zich gesteund voelen door een onderzoek dat TNS Nipo onlangs deed. Vooruitlopend op mogelijke omroepverkiezingen -door het CDA geopperd als alternatieve methode om de zendtijd te verdelen- werd 570 Nederlanders gevraagd aan welke omroepen ze de voorkeur geven. De Vara en de Tros kwamen ex aequo als populairste uit de bus, gevolgd door de Avro en BNN. Leuk, zo'n onderzoek, vindt Minnaar, maar ook niet meer dan dat.
,,Als de omroepen inzet worden van een politiek steekspel, vrees ik dat uiteindelijk niet. Het is geen geheim dat de Tros zelf de afgelopen jaren ook over de toekomst heeft nagedacht. Commercieel worden is een van de opties, al is dat ook weer niet zo'n vaststaand gegeven. De Tros geeft nog altijd de voorkeur aan een plaats in het publieke bestel. Maar het is goed dat binnen de vereniging over de toekomst wordt nagedacht.''
De afgelopen acht jaar werkte Minnaar bij de Ster, de organisatie die de reclamezendtijd voor de publieke omroep op radio, tv en internet verkoopt. De laatste vier jaar was hij directeur van de reclameorganisatie. Minnaar is dus vertrouwd met het spanningsveld dat opereren als publieke organisatie in een commerciële omgeving met zich meebrengt. ,,Maar het heeft me nooit gefrustreerd. Ik vind het terecht dat er een verschil in regime is tussen publieke en commerciële omroepen. Ik vind principieel dat de publieke omroep terughoudend moet zijn, al kan ik nog duizenden manieren bedenken om meer geld te verdienen. Sterker nog, binnen wat er mag, vind ik dat de Ster nu al supercommercieel opereert.''
De Tros heeft met Minnaar dus een nieuwe directeur die goed de weg weet in de commerciële wereld. Al gaat het hem te ver te stellen dat hij de aangewezen man is om de Tros naar een toekomstig commercieel bestaan te leiden. ,,Geloof het of niet, maar ik heb een groot hart voor de publieke omroep.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.