*

 

Het was even heel mooi met al die sneeuw

Henk van Halm − 01/03/05, 00:00

die helaas niet lang op de takken bleef liggen. Een kort feest voor fotografen. Veel bomen en struiken dragen bessen die de hele winter aan de takken blijven. Ze vormen een belangrijk wintervoedsel voor veel vogels.

De meeste vlezige boomvruchten zijn geen echte bessen, maar appeltjes met een piepklein klokhuis: dwergmispel (cotoneaster, op de foto), vuurdoorn, krentenboompje, meidoorn en lijsterbes. Ze hebben meestal melig vruchtvlees, gevormd door de bloembodem tussen de tamelijk stevige vruchtwand en het vliezige klokhuis, waarin de pitjes zitten. Een bes is een vlezige vrucht met een nogal zachte wand en meestal harde zaden, die los in het vruchtmoes liggen, zoals bij druiven en aalbessen, Gelderse roos, kamperfoelie, sneeuwbes en vlier. De oranje schijnbessen van de duindoorn bestaan uit een nootje, dat is omgeven door de vlezig geworden kelkbuis. Hulst, wegedoorn en sporkehout hebben ook bessen, maar dat zijn steenvruchten, zoals kers, vogelkers, pruim, amandel en sleedoorn. Steenvruchten hebben een dikwandig zaad, omhuld door sappig vruchtvlees en een vrij zachte vruchtwand.

Dat veel zoogdieren kleurenblind zijn, komt voornamelijk omdat bij het vinden van voedsel of een partner geluid en beweging een rol spelen en kleur helemaal niet. Vogels zien vooral rood en oranje, de kleur van de meeste vruchten die door vogels worden gegeten.

Wie het goed met de vogels meent, kan bessen als wintervoedsel oogsten. Vooral appelachtige vruchten zijn goed te drogen.

mailIcon print |