NEW YORK - VN-chef Kofi Annan heeft gisteren Iran gemaand zich niet te laten verleiden om atoomwapens te produceren. Ook de Verenigde Staten en Rusland kregen een veeg uit de pan. Die landen moeten hun kernwapenarsenalen sneller reduceren.
Annan zei dit bij de opening van een conferentie die het functioneren van het Non-Proliferatieverdrag (NPV) onder de loep neemt. Dit verdrag moet de verspreiding van kernwapens tegengaan.
Volgens Annan moeten landen als Iran niet per se verrijkt uranium willen bezitten, dat gebruikt kan worden voor zowel vreedzame doeleinden als voor kernwapens. De internationale gemeenschap moet er volgens hem voor zorgen dat landen als Iran toegang hebben tot atoomenergie. De opmerkingen van Annan zijn opmerkelijk, omdat het Non-Proliferatieverdrag landen toestaat om zelf uranium te verrijken voor vreedzame doeleinden.
Mohamed El-Baradei, de baas van het Internationaal Atoomagentschap (IAEA), riep op tot een tijdelijk verbod op faciliteiten waarmee uranium kan worden verrijkt. Eerder stelde hij al voor om de productie van nucleaire brandstof te laten controleren door internationale organisaties.
Er dreigt op de conferentie een tweedeling te ontstaan over wat belangrijker is: Iran en Noord-Korea aanpakken, zoals de VS willen, of Amerika zelf. Veel landen zeggen namelijk dat dat land zich niet houdt aan de afspraken die het in 2002 maakte. Bovendien vinden zij het stuitend dat de VS het Test Ban Treaty, dat kernproeven verbiedt, heeft verworpen.
Maar de Amerikaanse regering vindt Noord-Korea en Iran hét probleem waarop de vijfjaarlijkse conferentie zich moet richten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.