Het is niet de eerste keer dat een kabinet het voor Europa moet opnemen dwars tegen een golf van wantrouwen in. In zijn memoires vertelt Jelle Zijlstra hoe in de jaren vijftig niet alleen de boeren, maar ook zijn eigen antirevolutionaire achterban stormliep tegen de door Europa vastgestelde melkprijzen. Zijlstra zag uiteindelijk kans het pleit te beslechten, niet zozeer omdat hij zijn mensen overtuigde, maar omdat hij voet bij stuk hield. Zoals Zijlstra schrijft: men gunde mij het voordeel van de twijfel.
Minstens zo belangrijk is dat zijn mensen hem vertrouwden. Dat is precies waar het de huidige regering aan lijkt te ontbreken. Het wantrouwen is overweldigend. Met die oorlog in Irak zouden we verkeerd zijn voorgelicht. Het kabinet zou ons met de euro hebben bestolen en het zou er bovendien op uit zijn ons stiekem Turkije door de strot te duwen. Deze week hoorde ik de voorzitter van de huisartsenvereniging zelfs verklaren: we moeten nu doorzetten met de staking, want na het referendum hebben we geen schijn van kans meer bij dit kabinet.
Het grootste wantrouwen lijkt zich te richten tegen de blokvorming. Van minister Brinkhorst kregen we een- en andermaal te horen dat Europa het als massief blok zal moeten opnemen tegen de grootmachten Amerika en Azië. Daarom moeten we harder en langer werken. Daarom ook kunnen we ons de loden last van de vergrijzing niet veroorloven. Zo'n Europa is niet echt aantrekkelijk en al helemaal niet in het pers pectief van permanente bedrijfs reorganisaties, fusies en het verplicht spekken van de dikke salarissen van een managersgilde dat onbarmhartig de knoet hanteert.
Willen we zo'n Europa wel? Brinkhorst kent maar één antwoord: Er zit niet anders op. Wij luie Nederlanders zullen eraan moeten geloven. Deze week brieste hij daarom van woede toen de 'nee'-stemmers de 'ja'-stemmers in het te houden referendum leken te zullen overtreffen. ,,We houden nu een referendum over een zaak waar de bevolking niets over weet. Europa gaat de burger vergaand boven de pet'', sprak hij in het blad Forum. En minister Peijs haalde bij 'BarenD & Van Dorp' de schouders op: ach, dat referendum is een zaak van het parlement. Daar hebben wij als kabinet niets mee te maken.
Voeg bij dit alles de doemscenario's waar de kiezers de afgelopen weken op zijn onthaald en de vraag van de week dient zich als vanzelf aan: is dit wel de juiste manier om een vertrouwensbreuk met de kiezer te herstellen? En zo nee, hoe kan het kabinet de komende dagen dan nog wel de vertrouwensbreuk herstellen? Misschien is het waar dat kiezers onvoldoende kijk hebben op Europa. Zo goed als de meeste kiezers zelf ook geen schoenen kunnen maken. Maar feit is ook dat alleen een klant uit kan maken of een schoen hem past of niet. Kortom, hoe overtuig je een kiezer ervan dat Europa hem past?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.