*

 

Een verhalenverteller aan de piano: dat is Severin von Eckardstein.

door Sandra Kooke − 22/04/05, 00:00

Muziek is alles voor Severin von Eckardstein: ,,Ik zou niet weten wat ik moest doen als mijn carrière als pianist zou mislukken.''

Hij oogt klein, zoals hij op zijn sokken en in een donkere trui zit weggedoken in zijn stoel. Zijn handen zijn smal en klein. Van duim tot pink haalt hij net tien toetsen.

Severin von Eckardstein redt zich er prima mee, blijkt uit de prijzen die hij op concoursen binnenhaalde. Twee jaar geleden won hij de meest prestigieuze pianowedstrijd, het Elisabethconcours te Brussel. Maar veelzeggender dan de prijzen is zijn spel. De 26-jarige Eckardstein heeft een rijpheid en diepzinnigheid in zijn werk, die je verwacht bij een veel oudere pianist.

Praten over zichzelf maakt hem verlegen. Hij wrijft over zijn handen en mompelt dat hij altijd naar het verhaal van de muziek zoekt. ,,Ik probeer de muziek tot leven te brengen zonder te veel effecten te gebruiken. Ik zoek altijd naar het verhaal. Muziek zonder een verhaal, zonder een ontwikkeling, vind ik oninteressant. Als een stuk alleen een prachtige atmosfeer heeft, kan ik er niet veel mee.''

De piano fascineerde hem van jongs af aan. ,,Ik had er een gehoord bij de buren. Toen ik zes was, gaven mijn ouders mij een piano voor mijn verjaardag. Ik zat altijd te improviseren. Ik vond het prettig om de toetsen in te drukken en de klanken te horen. Ik leerde snel. Mijn eerste lerares verwees me na een jaar door naar een andere.''

Aan concoursen deed hij vanaf zijn negende mee. Het is nu eenmaal de belangrijkste methode om in de belangstelling van een groter publiek te komen. ,,Leuk is het niet. Ik ben altijd erg nerveus. De enige manier om het vol te houden is jezelf niet te vergelijken met anderen. Ik kijk alleen of ik over mezelf tevreden ben. Er zijn zoveel pianisten met een betere techniek.'' Techniek vindt hij niet zo belangrijk, net zomin als klank of kleuren. ,,In muziek gaat het erom dat je zoveel mogelijk kanten van je persoonlijkheid kunt laten zien, zonder dat je de muziek geweld aandoet. Het eerste wat ik doe als ik een stuk ga spelen, is bedenken wat het karakter van het stuk is. Waar gaat het stuk over, wat wil de componist overbrengen? Ik kan het spelen zodra ik het begrijp.''

,,Over het algemeen hou ik het meest van diepzinnige stukken. Ik speel liever de achtste sonate van Prokofjev dan zijn 'Romeo en Julia'. Dat laatste stuk bestaat uit dansen, waarin je natuurlijk ook karakters toont, maar minder diepgang nodig hebt dan in de sonate. Om die reden hou ik ook van moderne muziek. Daar kan ik heel diep in wegduiken. Het is gek genoeg tegelijk een manier om mijn geest leeg te maken en me te ontspannen.''

De introverte Von Eckardstein met zijn afgewogen, volwassen spel luistert af en toe graag naar pianisten die een heel andere instelling hebben. Leeftijdgenoot Lang Lang en oud-coryfee Ivo Pogorelich zijn niet bepaald zijn voorbeelden -veel te veel effectbejag, is zijn genadeloze oordeel- maar openen zijn oren voor wat er mogelijk is. ,,Lang Lang voelt zich heel vrij. Dat is erg goed, maar hij gebruikt zijn vrijheid op de verkeerde manier. Het is te veel show. Pogorelich had dat ook. Toch opent hij mijn horizon door te laten zien wat er allemaal eventueel kan in muziek. Toch hou ik meer van Grigory Sokolov, die een veel serieuzer pianist is.''

Er zijn zoveel jonge pianisten, dat het niet gemakkelijk is een carrière op te bouwen. Ook iemand van het kaliber van Von Eckardstein heeft daar last van. ,,Het eerste jaar na het Elisabethconcours had ik zo'n vijftig concerten. Dit jaar nog maar dertig. Ik ben niet sterk. Meer dan vijftig zou ik niet aan kunnen, maar met veel minder wordt het niets met mijn carrière. Ik weet niet wat ik anders zou kunnen doen. Muziek is het enige in mijn leven.''

Hij weet wat hij eraan moet doen. ,,Ik moet meer zelfvertrouwen krijgen, minder verlegen worden. Dat zou goed zijn voor mijn pr.'' Dan komt de fotograaf. Von Eckardstein doet zijn best.

mailIcon print |