De opvallendste aanwezige bij de uitvaart van paus Johannes Paulus II, op het Sint Pietersplein, was alleen indirect te zien. Ik bedoel de wind die vrolijk de liturgie liet wapperen. Hij bladerde door het evangelieboek en veranderde de kardinalen in hun mantels in rode pinkstervlammen.
Liturgie vangt het waaien van de Geest op. Dat gaat lastig in een calvinistische kerkdienst. Buiten de stropdas of bef van de dominee valt er meestal niet veel te wapperen.
Riten en symbolen verklikken de aanwezigheid van de onzichtbare God, zodat er iets met je gebeurt. Een beetje zoals de agenda van mijn gestorven vader.
Dat boekje roept mijn pa op: Zeeuws zwijgzaam, tikje gebogen, zware weduwe tussen de lippen. Zijn leven op aarde is al twintig jaar voorbij, vaak denk ik helemaal niet aan hem, tot ik die agenda weer zie. Dan is hij er weer, mijn gedachten en gevoelens worden met hem verbonden. Soms voel ik ontroering of gemis -zonder dat ik dat bewust zoek. Die agenda denkt voor mij aan mijn vader.
Met religieuze symbolen gaat het eigenlijk net zo. Een paaskaars doet mij denken aan het licht van Christus en ik word bemoedigd in mijn geloof. Die kaars gelooft als het ware voor mij. De doopvont hoopt voor mij op het nieuwe leven, de tafel houdt mijn omgang met de Eeuwige gaande, de lezenaar bidt voor mij en de wereld.
God komt me aanwaaien door de liturgie, als een verre onschuld van vóór de wereld begon. Zelfs ongelovigen die op vakantie argeloos een lege kerk binnenlopen, kunnen geraakt worden door ze-weten-niet-wat.
Symbolen zijn kwetsbaar. Praktisch gezien is die agenda van mijn vader een waardeloos boekje want hopeloos verouderd, en een paaskaars alleen maar een brandende vetpit. De werking van symbolen onttrekt zich aan het koele oog van de ratio, wat overigens geldt voor alle ervaringen die het leven de moeite waard maken.
Het calvinisme ontstond in een tijd waarin het westerse rationele denken aan zijn opmars begonnen was. Meestal hebben deze kerken dan ook een zakelijke 'orde van dienst' die afgewerkt wordt en zelden een liturgie die aan hén werkt. Calvinisten noemen riten en symbolen al gauw 'roomse poppenkast', terwijl ze in ontzag hun Statenbijbel strelen en ontroerd bidden voor het Oranjehuis.
Het gevolg is dat ze veel meer zelf moeten doen. Want als God niet kan waaien in de liturgie, moet je zelf wel gaan wapperen met je handen, hopend dat daarin iets van de Eeuwige zichtbaar wordt. Goede daden doen wordt heel belangrijk, waarbij moralisme op de loer kan liggen. Natuurlijk is de kerk van Rome vreselijk moralistisch, maar dat wordt in de praktijk verzacht door de beroemde katholieke gemoedelijkheid die door protestanten voor gemakzucht wordt versleten. Katholieken worden er echter in de liturgie constant aan herinnerd dat het in wezen allemaal niet van hun gepuf en geblaas afhangt, maar van het waaien van de Geest.
De rooms-katholieke (en oosterse) traditie en het protestantisme verhouden zich tot elkaar als de tempel en de vele synagogen in het oude Israël. Jezus en zijn leerlingen bezochten beide, en lieten zich door beide inspireren. De synagoge was vooral een leerhuis waar de Schrift werd gelezen en uitgelegd door individuele gelovigen. Het calvinisme zet deze lijn voort en is op prediking en onderwijs gericht. De centrale tempel in Jeruzalem, daarentegen, vierde uitbundig de collectieve liturgie. De rooms-katholieke kerk staat dan ook in de traditie van de tempel.
Tempel en synagoge, vieren en leren, de rk en calvinistische insteek zijn beide wezenlijk voor het geloof. Doordat ze uit elkaar gingen, hebben protestanten nauwelijks besef van de objectieve kracht van de liturgie en vervallen in individualistische doenerigheid, rationele discussies en moralisme. Anderzijds blijft de rk kerk hangen in een collectieve gehoorzaamheidscultuur en is zwak in de uitleg van de Bijbel, zodat de gemiddelde preek een parochie subiet in de sluimerstand zet.
De Geest waaide tijdens die uitvaart op het Sint Pietersplein. Dat bleek wel uit het alom opgemerkte feit dat de calvinistische broeder Roger uit Taizé als eerste de eucharistie ontving. Nota bene uit handen van kardinaal Ratzinger, nu de nieuwe paus, volgens wie de protestantse kerken 'onvolwaardige kerkgemeenschappen' zijn.
Bij zijn inwijding als Benedictus XVI vlocht de wind nieuwe combinaties in het pauselijke haar. Zal deze kerkleider mee blijven wapperen? Dat zou de erkenning inhouden dat ook de rooms-katholieke kerk pas samen met de protestanten volwaardig kerk is. Ik moet bekennen dat ik nauwelijks kan geloven dat dit gebeurt.
Hoeft ook niet.
Dat symbolische, oecumenische moment op het Sint Pietersplein geloofde voor mij in de verzoening van rooms en protestants -van de tradities van liturgieviering en Schriftstudie die beide voor Jezus en de eerste christenen bronnen van spiritualiteit waren.
Laat maar waaien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.