Het kabinet wil dat de reiziger weet waaraan hij begint als hij in de taxi stapt. Want sinds de liberalisering is de taxisector er niet duidelijker op geworden.
'De Taliban' heten ze in Rotterdam, 'kakkerlakken' in Amsterdam: de gelukszoekers die zich tussen de taxi's van de gevestigde centrales begeven, op zoek naar klanten. Met hun gammele auto's, slechte stratenkennis en gebrekkige taal- en sociale vaardigheden bezorgen ze de taxisector een slecht imago, vinden chauffeurs van de grote centrales.
De wildgroei aan dubieuze eenmansbedrijfjes is een van de bijeffecten van de deregulering van de taxisector, die in de jaren negentig werd ingezet. Andere onvoorziene gevolgen waren prijsstijgingen en een afname van het aantal taxiritten. En de verwachte concurrentie? Die is er niet, zegt Arjen Boukema van werkgeversorganisatie KNV Taxi.
In de grote steden vechten taxibedrijfjes om de klandizie van een gelijk gebleven aantal klanten. Zo is volgens Boukema sinds de invoering van de Taxiwet in januari 2000 het aantal taxi's in Amsterdam verdubbeld. Voordat de vergunningen werden vrijgegeven, reden er bijna 20000 taxi's in Nederland. Inmiddels zijn het er volgens KNV Taxi 25500.
Liberalisering van de taximarkt leek geen gek idee. Voor de deregulering hadden centrales in de grote steden een monopoliepositie, omdat gemeentes maar een beperkt aantal vergunningen verstrekten. In sommige steden ontstond een bloeiende handel in het felbegeerde papiertje. Chauffeurs van de Amsterdamse centrale TCA verkochten hun 'pensioenvoorziening' voor tonnen door.
Hieraan kwam door de Taxiwet een einde. Vergunningen werden voortaan landelijk uitgegeven, zodat iedereen met een rijbewijs en een verklaring van goed gedrag een taxibedrijf kon beginnen. Door concurrentie zou de taxi goedkoper worden en de kwaliteit verbeteren.
Ter bescherming van de consument gold een maximumtarief. Dat is volgens S. de Winter, directeur van de Rotterdamse Taxicentrale (RTC), de reden geweest dat concurrentie niet van de grond kwam. Het maximumtarief werd een richtprijs in plaats van een plafond.
In de hoop de concurrentie tussen taxi's alsnog op gang te helpen, heeft minister Peijs van verkeer maatregelen aangekondigd die het vergelijken van taxitarieven eenvoudiger maken. Zo mogen chauffeurs de reistijd niet meer in rekening brengen. Passagiers hoeven dus niet langer de meter in de gaten te houden als hun taxi in een file staat.
Maar van concurrentie zal door de maatregelen weinig terechtkomen, meent De Winter. ,,De tarieven zullen nauwelijks van elkaar verschillen. Geen enkele chauffeur kan het zich veroorloven ver onder de prijs te gaan zitten. De taxiwereld blijft een dubbeltjesbedrijf.''
Ook KNV-woordvoerder Boukema verwacht niet dat de vereenvoudigde tarieven meer concurrentie tot gevolg zullen hebben. Volgens hem zal het daar nooit wat mee worden zolang taxistandplaatsen niet anders worden ingericht. Taxi's staan gewoonlijk in een lange rij, zodat de klant alleen de voorste taxi kan nemen. Daar gaat de keuzevrijheid .
Volgens de wet hadden taxi's al lang in visgraatopstelling moeten staan, maar in de praktijk gebeurt dat bijna nergens. Chauffeurs houden volgens De Winter zelf de fileopstelling in stand. ,,Ze laten degene die het langst staat te wachten voorgaan. Taxichauffeurs hebben een sterk rechtvaardigheidsgevoel.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.