De meeste Indonesiƫrs sprokkelen in de loop van de dag hun eten bij elkaar bij waroengs en stalletjes. Als ze thuis eten, dan staat er dagelijks een schaal gekookte rijst op tafel: nasi puti.
De nasi goreng, bij ons een complete avondmaaltijd, is in Indonesiƫ bedoeld om de restjes van de vorige dag weg te werken. Wat er over is aan vlees of vis en rijst wordt de volgende ochtend met wat ui, knoflook en kruiden voor het ontbijt gebakken als nasi goreng.
Kook de rijst met wat zout volgens de bereidingswijze op de verpakking. Laat de rijst afkoelen. Het vetspek in dobbelsteentjes snijden. De sjalotjes en de teentjes knoflook fijn hakken. Prei schoonmaken en in heel dunne ringen snijden. Verhit een grote braadpan en bak hierin de dobbelsteentjes vetspek tot kaantjes. Schep ze met een schuimspaan uit de pan en laat ze op wat keukenpapier afkoelen. Ze worden in dit recept niet meer gebruikt. Fruit in de achtergebleven reuzel de sjalotjes en knoflook. Voeg trasi toe en fruit dit even mee. Nu sambal oelek en prei erbij doen. Alles goed omscheppen en de Noorse garnalen en eventueel de restjes vleeswaar toevoegen. Zet het vuur nu laag, om aanbranden te voorkomen. De rijst en een eetlepel ketjap manis er door roeren en om blijven scheppen tot alles goed vermengd is. Dan de twee eieren loskloppen met een eetlepel water en in een grote koekenpan een klontje boter laten smelten. Bak van de eieren een dunne omelet. Rol de omelet op en snij deze in dunne reepjes.
De nasi goreng overdoen op een voorverwarmde schaal en garneren met de omeletreepjes. Geef hierbij wat schaaltjes met sambal in diverse smaken, fruitjes (gebakken uitjes) en een komkommersalade.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.