*

 

Scherven vegen

Koen Koch − 02/01/04, 00:00

Nederland neemt in de tweede helft van dit jaar het voorzitterschap van de EU waar. Onze ministers, Balkenende voorop, trekken als instant-staatslieden met veel mediafanfare Europa en de rest van de wereld door, en voortdurend ook landen hoogwaardigheidsbekleders op vliegveld Valkenburg, dat daarom nog een jaartje langer mag openblijven. Begin december hoopt men aan Europa een oplossing te kunnen presenteren voor de impasse waarin we zijn geraakt door het mislukken van de Europese Grondwet. Heel spannend allemaal, en dan heb ik het nog niet eens over de stroom demonstranten en zelfmoordcommando's die zich naar het land van de Europese voorzitter zullen spoeden.

Denk overigens niet dat Nederland straks als voorzitter extra de gelegenheid heeft zijn eigen belangen te behartigen. Het tegendeel is het geval. Van de Europese voorzitter wordt verwacht dat hij door compromissen voor te bereiden het Europese project een stapje verder helpt. Daaraan wordt het succes van een voorzitterschap afgemeten, niet aan het feit of men nog eens een nationaal stokpaardje door de Europese arena heeft laten draven. Nederland heeft als voorzitter geen gelukkige hand gehad. In 1991 in de aanloop naar Maastricht ondergingen we de vernedering van Zwarte Maandag; ons ambitieuze voorstel tot institutionele hervorming werd meedogenloos van de tafel geveegd. Het besluit tot instelling van de EMU en de uiteindelijke invoering van de euro blijft herinnerd als een bijzonder Frans-Duits compromis. Het Verdrag van Amsterdam leverde heel weinig op en wordt vooral herinnerd om wat er allemaal niet geregeld werd, de zogenaamde Amsterdamse kliekjes, u weet wel, etensresten die tegen beter weten in nog dagen in de koelkast bewaard worden, om dan toch weggegooid te worden.

Of een voorzitterschap een succes wordt, hangt van veel factoren af. Over beleidsinhoudelijke kwesties is makkelijker overeenstemming te bereiken dan over de institutionele kwesties. Daarbij is de machtsvraag aan de orde, en blokkeren de lidstaten, die vasthouden aan nationale privileges, al jaren iedere verandering. Nederland behoort eveneens tot de categorie neezeggers, en heeft zich door het stellen van idiosyncratische eisen in een eenzaam isolement geplaatst. Juist dit gedrag voorspelt weinig goeds voor een effectief voorzitterschap. Een land dat zich tegenover de rest zo overtuigd waant van het eigen gelijk -zie de solo-actie van Zalm bij de kwestie van het Stabiliteitspact- wordt door de anderen nauwelijks als een betrouwbare compromissenbouwer beschouwd. Minister Bot moet heel wat werk verrichten om het slechte imago dat Nederland door zijn recalcitrantie heeft opgebouwd, weg te werken. Het gaat dan allereerst om interne zending. Hij zal Zalm, en de rest van de zogenaamde Eurosceptici, het zwijgen moeten opleggen. Dat zal niet meevallen nu ook PvdA-leider Wouter Bos uit pure gemakzucht zich bij die stroming heeft aangesloten. Een effectief voorzitterschap vereist een toekomstgericht perspectief op Europa. Sinds de Paarse kabinetten ontbreekt zoiets. Terwijl het Europese project voortrolde, zagen we een toenemend provincialisme. In plaats van zo'n perspectief kwam de simpele gedachte dat men zoveel mogelijk geld uit Brussel moest lospeuteren. Toen het debat over de toekomst van Europa losbrandde, werd als hoogste wijsheid in Den Haag verkondigd dat het onzin was om daarover na te denken. De regering nam de Europese Conventie over de Grondwet niet serieus omdat men dacht later zijn slagen wel binnen te kunnen halen. Dat mislukte omdat mede door de Nederlandse opstelling de afsluitende regeringsconferentie mislukte. Bot heeft een paar maanden om de Europese scherven van Balkenende, De Hoop Scheffer en Zalm op te vegen. Hij zal ze dankbaar zijn.

Wegens studieverlof van Willem Breedveld verschijnt de column van Koen Koch een half jaar op vrijdag.

mailIcon print |