AMSTERDAM - Het beursjaar 2003 was in feite na één dag alweer voorbij. Op 2 januari steeg de AEX, de belangrijkste graadmeter in Amsterdam, met 4,5 procent naar 337,26 punten. En op dat niveau sloot de beurs ook op 31 december: 337,65. Al met al een vrijwel verloren jaar -zeker na aftrek van het door de belastingdienst veronderstelde rendement van 4 procent-, maar toch een jaar zonder echt verlies. En dat is in ieder geval iets, na de koersdalingen in de voorgaande drie jaren.
Natuurlijk is er in de loop van het afgelopen jaar wel van alles gebeurd op de beurs. Na de positieve eerste handelsdag van 2003 begon de beurs aan een steile afdaling. Een gebrek aan vertrouwen in de economie, versterkt door de boekhoudschandalen en de angst voor een oorlog in Irak, zette wereldwijd de koersen onder druk. Op 12 maart dook de AEX even onder de 220 punten. Volgens sommige analisten was zelfs de 200-puntengrens niet meer veilig. Maar toen even later de aanval op Irak echt begon, trokken de beurzen weer aan. Ook de beurs lijdt het meest door het lijden dat men vreest.
Amsterdam had, in vergelijking met het buitenland, een extra tik meegekregen door het Ahold-schandaal. Toen eind februari de cijfers van het supermarktconcern onbetrouwbaar bleken, stortte de koers in elkaar. Na KPN was er weer een 'volksaandeel', met een groot gewicht in de index, door de mand gevallen. Het aandeel Ahold daalde dit jaar uiteindelijk ruim veertig procent.
Het Ahold-schandaal is slechts een van de redenen voor de relatief slechte prestatie van de Amsterdamse beurs in 2003. Ook de zich voortslepende recessie, de lagere overheidsinvesteringen en vooral de zwakke dollar drukten de koersen. Nederlandse bedrijven als ABN Amro, Aegon en ook Ahold lijden sterk onder een zwakke dollar omdat ze een groot deel van hun inkomsten uit de VS halen.
Volgens The Financial Times was Amsterdam wereldwijd de slechtst presterende beurs na Venezuela, Finland en Maleisië. De beurzen van New York deden het in ieder geval beter. Zo steeg de Dow Jones met 23 procent, maar daar bleef voor de Nederlandse belegger bijna niets van over door de zwakke dollar. Londen en Parijs deden het met stijgingen van 12 en 13 procent ook beter dan Amsterdam en Frankfurt sprong er uit met een gemiddelde koerstoename van 35 procent.
Voor sommige beleggers viel er ook in Amsterdam wel degelijk wat te halen. De technologiesector deed het goed. Ook in de middelgrote beursfondsen zat muziek: De AMX-index begon het jaar slechter dan grote broer AEX, maar eindigde beter, met een plus over het hele jaar van 15 procent. Duurzaam beleggen bleek ook dit jaar geen slechte keuze. De ASN Trouw-index steeg met bijna 10 procent tot boven de 600 punten, mede dankzij het internationale karakter van deze index.
Wat 2004 de belegger zal brengen, na drie negatieve jaren en een matig 2003, is onzeker. Volgens president Wellink van De Nederlandsche Bank is er inmiddels sprake van ,,een prille lente'' in de economie. Maar de sneeuwklokjes en krokussen die nu voorzichtig het kopje opsteken, kunnen nog altijd onaangenaam verrast worden door een plotseling intredende winter. Die kan heel streng worden, als de Amerikaanse economie toch nog in de problemen komt door de almaar stijgende handels- en financieringstekorten. Want wat er ook verandert, op het Damrak waait ook dit jaar de wind uit het westen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.