*

 

Samenwerking tegen Amerikanen groeit

Judit Neurink − 10/04/04, 00:00

De woede over het harde Amerikaanse optreden in Falloedja groeit, en daarmee de steun aan het verzet. De Amerikanen moeten hun operatie afronden, opdat de rust terugkeert.

AMSTERDAM - Met een eenzijdig afgekondigd staakt-het-vuren van anderhalf uur in Falloedja probeerden de Amerikanen gisteren de lont uit het Iraakse kruitvat te halen. De woede over het harde Amerikaanse optreden in die stad heeft tot een gevaarlijke escalatie geleid, omdat soennieten en sjiieten hun wederzijdse haat opzij schoven in gemeenschappelijk verzet tegen de bezetter.

De zoektochten huis aan huis in Falloedja, ondersteund door helikopters, worden in de Arabische wereld vergeleken met soortgelijke Israƫlische acties in Palestijnse gebieden. In totaal zouden er 300 doden zijn, en 400 gewonden, onder wie vrouwen en kinderen. Door de gevechten bleven doden in de straten liggen en konden hulpgoederen en voedsel de stad niet in -de reden voor de gevechtspauze.

Maar op de achtergrond spelen andere zaken. Zoals de steeds luidere kritiek uit de Iraakse regeringsraad, zelfs van pro-Amerikanen en van de sjiitische geestelijkheid en partijen. Daarnaast lijken sjiieten en soennieten elkaar gevonden te hebben: gezamenlijk gebed in Basra, bloeddonaties, voedsel en hulpgoederen van sjiieten in Sadr-stad voor slachtoffers in Falloedja en milities van Moektada al-Sadr die meevechten in soennitische steden. Dat leidt ook tot een toename van de bedreigingen -nu van twee kanten- tegen buitenlanders en Irakezen die met ze samenwerken. In veel steden houden ouders hun kinderen thuis van school en blijven ze zelf ook binnen.

Voorheen was er een scheiding tussen geloven, vanwege de onderdrukking door het soennitische regime van Saddam van de sjiieten. Meedoen aan verzet dat gelieerd was aan Saddam, was voor hen onbespreekbaar. Met Saddams arrestatie verviel dat bezwaar, en dat verenigt oude vijanden in hun verzet.

De Amerikaanse commandant Sanchez meent dat de samenwerking zich nog beperkt tot 'de allerlaagste niveaus'. Gezien de manier waarop het soennitische verzet georganiseerd is, kan dat ook bijna niet anders. Het heeft er alle schijn van, dat verzetsstrijders opereren in kleine groepen, die alleen op operationeel niveau contact hebben. Ze beschikken over automatische wapens en raketgranaten -een erfenis van Saddams leger- en de kennis van officieren uit dat leger en van Baathisten die hun activiteiten ondergronds hebben voortgezet. Soms zijn acties goed gepland, zoals de overval op de vier Amerikaanse bewakers in Falloedja vorige week die de aanleiding was voor de huidige operatie. Die lijken in de val gelokt door mannen die zich voordeden als Irakese burgerbewakers die hen veilig door de stad zouden loodsen.

Daarnaast zijn wahabitische moslimextremisten actief in de soennitische gebieden, deels afkomstig uit andere Arabische landen, en deels getraind door Al-Kaida. Van samenwerking tussen hen en de sjiitische milities kan vanuit ideologisch oogpunt geen sprake zijn. Voor aanhangers van Bin Laden zijn sjiieten net zo verderfelijk als Joden en christenen.

Het feit dat de Amerikanen in Falloedja zo hard optreden terwijl ze de Baathisten daar een jaar lang hun gang hebben laten gaan, leidt in heel Irak tot onbegrip en verzet. Alleen als de operatie hier wordt afgerond, zal de rust ook elders terugkeren. Alleen dan kan overleg met de sjiitische leider Moektada al-Sadr wat opleveren, die zich in Najaf heeft verschanst. Omdat die zich in zijn verzet gesteund weet door heel veel boze sjiieten, moet eerst Falloedja tot rust komen, wil de invloedrijke geestelijk leider ayatollah Al-Sistani zich geroepen voelen het jonge heethoofd terug te fluiten.

mailIcon print |