Politievoorlichter Anne Geelof stopt ermee. Met zijn vertrek winnen de communicatiestrategen, de beroepszwijgers en de spindoctors weer iets meer terrein. ,,Ik ben de Laatste der Mohikanen.''
BERKEL EN RODENRIJS - Het motto van Anne Geelof, sinds kort ex-woordvoerder van politiekorps Rotterdam-Rijnmond: wees helder, feiten zijn heilig en liegen is taboe. De grijzende, goedlachse Rotterdammer van 'Zuid', wijst naar een beeldje van Pinokkio op een kast in zijn huiskamer. ,,Die staat hier niet zonder reden. Ik ben een Pinokkio. Ik kan niet liegen. Ik heb nooit iemand belazerd. Ik kijk vaak naar deze Pinokkio. Hij is een beetje mijn drijfveer: open en eerlijk zijn. En maak het niet te ingewikkeld, tante Sjaan uit de Tweede Balsemienstraat in Zuid moet het ook kunnen volgen.''
Geelof was 17 jaar journalist, eerst bij het Algemeen Dagblad, later de Volkskrant en daarna De Telegraaf. Daar zat hij bij de 'brandweerploeg', een groepje verslaggevers dat de hele wereld over reisde om de Nederlandse invalshoek te verslaan bij grote calamiteiten.
Toen hij in september 1980 de overstap maakte naar de voorlichting van het Korps Rijkspolitie, werd hij door een enkele collega-journalist met argwaan bekeken. Alle politieprimeurs zouden voortaan wel naar De Telegraaf gaan. ,,Maar ik heb altijd met open vizier gewerkt. Voor mij was iedere journalist gelijk.''
Anne Geelof was eind jaren tachtig de belangrijkste woordvoerder in de grootste ontvoeringszaak uit de Nederlandse politiegeschiedenis, de kidnapping en moord op Ahold-topman Gerrit Jan Heijn. Bij tal van grote politiezaken werd zijn hulp ingeroepen om de journalistenmeute in toom te houden. ,,Leuk hoor, overal vooraan staan. Net een spannend jongensboek.''
Per 1 april gaat hij met pensioen. Door een stuwmeer van vrije dagen kon hij deze maand al stoppen. Een afscheidsreceptie wees hij af. ,,Dat is niks voor mij. Ik ben via de voordeur in mijn eentje het politiebureau ingelopen en zo ben ik er ook weer uitgegaan.''
In de 25 jaar bij de politie kreeg hij bewondering voor de professionaliteit van het korps. Toch bleef het journalistenhart kloppen. ,,Ik heb een feilloos gevoel voor nieuws. Zeventien jaar heb ik er zelf achter aangelopen. Bij de politie kon ik ineens zelf het nieuws bepalen. Dat was een lekker gevoel. Maar ik ken ook de noden en behoeften van de media. Ik zie helaas weinig voorlichters die het vak met gevoel voor de journalistiek beoefenen.''
Hij is een van de laatste politievoorlichters die als verslaggever zelf met zijn poten in het bluswater stond. In tien jaar is de woordvoering van politie en justitie in handen gekomen van mensen met een politieopleiding of 'professionals' die in een vorm van voorlichting hebben doorgeleerd en voor wie 'grip en sturing' en de positionering van korps of parket belangrijke ijkpunten zijn. ,,Die parafencultuur, ik krijg er het lep lazarus van'', zegt Geelof.
Hij heeft met lede ogen de veranderingen gezien. Met spijt stelt Geelof vast dat het openbaar ministerie de politievoorlichting naar zich toe heeft gehaald. ,,Elk parket heeft nu een persofficier, een justitieambtenaar die eens een mediatraining heeft gehad. En die denkt altijd eerst: hebben we de goeie wel aangehouden? Dus wordt nieuws pas gebracht als de rechter-commissaris een beslissing heeft genomen over het voorarrest. Dat kan dagen duren. Ik vind dat je, zeker bij grotere zaken, direct maar buiten moet komen met het nieuws. Er is ook een algemeen belang van openbaarheid. Ik blijf toch een beetje die ouwe journalist.''
Anne Geelof was wars van poespas. De Rotterdammer meed de tv-spelletjes, in tegenstelling tot zijn Amsterdamse (inmiddels ook gepensioneerde) collega Klaas Wilting. ,,Ik ga echt niet in 'WakuWaku' babbelen over exotische knaagdieren. Ik ben talloze keren opgebeld door Hilversum. Dan hadden ze weer een leuk spelletje. Maar hallo zeg, ik ben geen politiewoordvoerder voor de kijkcijfers. Na de Heijn-zaak belde Wilting of ik niet voor een keer met hem wilde meedoen in 'Tros Triviant'. Ik had er geen zin in. Het past niet, het hoort niet. Als ik dat had gewild, had ik cabaretier moeten worden.''
Toen Geelof in 1999 een keer publiekelijk de ijdele Wilting terecht wees voor zijn ongebreidelde tv-optredens, waren de rapen gaar. Geelof was voorlopig niet meer welkom bij het politiekorps in Amsterdam, deelde Wilting verontwaardigd mee aan journalisten. Geelof kan er nog om lachen. ,,Nou ja, wat zou ik in Amsterdam te zoeken hebben?''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.