Gele lis (Iris pseudacorus) is bij ons inheems en siert in de voorzomer menige waterkant. Later vallen de platte bruine zaden uit hun dozen en laten zich al drijvend via het water verspreiden.
Als tuinplant is het vooral baardiris (Germanica groep) die al eeuwenlang bekend is. Het is een beetje stijve plant, gemiddeld 80 cm hoog, met opvallende bloemen. Er zijn ook lage, 15 à 20 cm hoog (Pumila groep). De knolvormige wortels groeien meer op dan in de grond en houden van zon en warmte. Direct na de bloei in mei kunnen grote pollen worden gescheurd en groeikrachtige neuzen opnieuw ondiep geplant.
Elegant en daarom geschikter voor de meer natuurlijke manier van tuinieren van nu, is Siberische lis (Iris sibirica). De bladeren zijn smaller en de bloemen iets kleiner. De bloei begint wat later en houdt lang aan. Ook deze lis houdt van zon, maar beslist niet van droge grond. Voldoende vocht en voeding zijn voorwaarden voor succes. Er zijn veel mooie blauwtinten, van violet ('Blue King') tot hemelsblauw ('Perry's Blue'), maar ook wit en roze.
De spectaculairste bloemen, groot en kleurrijk, heeft de Japanse lis (Ensata groep), voorheen bekend als 'Iris kaempferi'. Vraagt specifieke groeiomstandigheden met voldoende vocht op het juiste moment. Kwekerij Joosten in Rutten, het noordelijkste dorp in de Noordoostpolder, teelt ruim 700 verschillende irissen. Ze zijn in toepassing te zien in de 2400 m2 grote showtuin op 21 en 22 mei (10-17 uur). Tot 1 november op zaterdagen geopend.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.