Het conflict in de Soedanese provincie Darfur haalde de wereldpers, maar de rebellen die zich in Oost-Soedan roeren, lukt dat niet. Hier eist het Bejavolk zelfbestuur.
Ali Alsati
Austaz Feki Ali
,,We voelen ons vergeten en in de steek gelaten door de internationale gemeenschap'', zegt Austaz Feki Ali Mohamed van de Beja-hulporganisatie Shala. ,,De humanitaire ramp moet blijkbaar eerst uit de hand zijn gelopen, zoals in Darfur, voordat we de hulp krijgen die nodig is.''
Slechts drie buitenlandse organisaties zorgen voor basishulp aan een gebied dat in handen is van de rebellen van het Beja Congres. Er wonen een kwart miljoen mensen. ,,Maar slechts zo'n 90000 hebben toegang tot de voedselhulp, evenals de naar schatting 30000 vluchtelingen die naar Eritrea zijn gevlucht. De Beja die leven in door de regering gecontroleerd gebied hebben niets'', somt Austaz Feki op in zijn spaarzaam ingerichte kantoor in de Eritrese hoofdstad Asmara.
De Beja, overwegend moslims, zijn veehouders die ook enige gewassen proberen te verbouwen in het onherbergzame landschap dat sinds tien jaar onder structurele droogte lijdt. Zeker 90 procent van de bevolking in hun regio is analfabeet. ,,Er is onvoldoende voedsel, geen medicijnen, watertekort en scholen bestaan er nauwelijks. De kindersterfte is schrikbarend hoog'', somt Feki op.
De wereldopinie is grotendeels voorbijgegaan aan de strijd van de Beja, die met kleine gevechtsacties wordt gevoerd. De regering in Khartoem laat geen bezoekers toe vanwege het strategisch belang van de regio. De olie die grotendeels in het zuiden van het land wordt gewonnen gaat via een pijplijn naar de havenstad Port Soedan. De oliepijplijn loopt deels door Beja-gebied en is regelmatig doelwit van de rebellen.
De Beja eisen naar het voorbeeld van de rebellen in Darfur vredesbesprekingen met de regering, waarin ze afspraken willen maken over de herverdeling van de macht en de rijkdommen in het land. ,,We willen geen onafhankelijkheid maar een federatie, de enige bestuurswijze waarmee Soedan kan overleven.''
Begin dit jaar kregen Beja even internationale aandacht toen regeringstroepen een vreedzame demonstratie in Port Soedan beschoten. Zeker 30 mensen kwamen om het leven. ,,Dat bracht ons lot heel even onder de aandacht. Ook zorgde het ervoor dat veel jongeren zich bij het Beja Congres aansluiten. Daarmee kunnen we de strijd opvoeren'', meent Ali Alsafi van de politieke arm van het Beja Congres.
De rebellengroep strijdt met vooral kleine wapens waarmee ze weinig kan uitrichten tegen luchtaanvallen door het regeringsleger. Ali Alsafi laat bloederige foto's zien. ,,Hier een kind en hier een vrouw die gewond raakten bij een bombardement. Ondanks de ongelijkheid in sterkte geven we niet op en proberen steeds meer aanvallen te coördineren met de Darfurrebellen zodat het leger aan twee fronten tegelijk moet vechten.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.