*

 

Peter R. de Vries krijgt meer kansen, als Bos tegen het kabinet aankruipt.

Hans Goslinga − 07/05/05, 00:00

Er zijn ten minste drie redenen om de entree van Peter R. de Vries in de Nederlandse politiek serieus te nemen.

De eerste is dat Jan Nagel erachter zit, een man die ervaring heeft in het organiseren van nieuwe kieslijsten en die, in 2001, als eerste de potentie van Fortuyn aanvoelde. In de tweede plaats moeten we er in Nederland aan wennen dat de mediademocratie figuren voortbrengt die, net als in Amerika en Italië, zullen proberen hun gezag en bekendheid of kapitaal in politieke macht om te zetten. Getuige de reacties op het initiatief van De Vries is er een neiging daarover schamper of meewarig te doen. Dat is niet zo verstandig, wil men op de politieke werkelijkheid een helder zicht houden. Die werkelijkheid wordt altijd sterk bepaald door de strijd om de macht. Daarin schuilt de derde reden met meer nuchterheid en minder emotie naar het fenomeen van nieuwkomers te kijken. Normaal speelt de strijd om de macht zich af tussen de regerende coalitie en de oppositie, maar sinds Fortuyn in 2002 heeft laten zien hoever een nieuwkomer kan reiken, gaat het gevecht veel meer tussen de gevestigde partijen en potentiële uitdagers.

In dat licht is het interessant nog eens terug te kijken naar de Avond van Van Thijn op 22 maart dit jaar, toen de senatoren van de PvdA een stokje staken voor de rechtstreeks gekozen burgemeester. Dit wapenfeit is tot nu toe vooral bezien in vertrouwde perspectieven: oppositie versus coalitie, interne machtsstrijd in de PvdA, vereffening van oude rekeningen, zelfs ijdelheid en frustraties van grote ego's. Maar als we de Avond zien als een geslaagde poging van de heersende politieke elite om een toegang tot het bestel voor nieuwkomers af te sluiten, valt er meer op zijn plaats. Zoals het gebrek aan tegenstand dat Van Thijn vanuit het coalitiekamp ondervond, de felicitaties die hij kreeg van politici van CDA en VVD die openlijk van diens daad schande spraken, en het gemak waarmee de ministerscrisis werd opgelost.

Directe verkiezing van de burgemeester zou kansen bieden aan nieuwe uitdagers van de oude partijen, maar ook aan de gekende uitgestotenen, figuren als Rob Oudkerk, Bram Peper, Rob van Gijzel. Uiteraard zou daarvan een sterk effect op de landelijke politiek uitgaan. Niet voor niets voerde het clubje mensen dat zich om Peter de Vries heeft gevormd, een lobby voor de rechtstreekse burgemeestersverkiezing. Aan electorale resultaten op landelijk niveau gaan dikwijls lokale successen vooraf. Een van de adviseurs van de toenmalige VVD-leider Dijkstal sprak na de eerste successen van de Leefbaren in Hilversum (Nagel) en Utrecht (Henk Westbroek) in de jaren negentig al fluisterend uit dat zich hier een groot gevaar voor zijn partij ontwikkelde. De vorming van Leefbaar Hilversum door Nagel kan als het begin worden gezien van serieuze machtsvorming van lieden die in de bestaande partijen geen kans (meer) kregen. Tot deze kring behoorde Fortuyn, maar ook iemand als Harry Mens, die jaren terug al vergeefs heeft geprobeerd hoog de VVD binnen te komen. Mens verschafte 'professor Pim' drie jaar geleden in zijn tv-programma 'Business Class' (RTL 5) een platform om zijn ideeën uit te dragen.

Misschien wel de grootste schok voor de gevestigde partijen in 2002 was dat ons stelsel van evenredige vertegenwoordiging een directe weg naar de macht verschafte. De onervaren politici van de LPF konden, bij wijze van spreken, zo doorlopen naar de Trêveszaal, gesecondeerd door licht huiverende politici van CDA en VVD. Tegen de achtergrond van die ervaring moet nu het ijveren van de coalitiepartijen worden gezien straks als een blok de verkiezingen in te gaan. Dat is, naar het zich laat aanzien, niet in de eerste plaats bedoeld als middel om de PvdA buiten de regeermacht te houden, maar om nieuwkomers de wind uit de zeilen te halen en buiten de deur te houden, door de sterke concentratie op de machtsvraag. Een tweedeling in de politiek maakt het voor hen uiteraard een stuk moeilijker een voet tussen de deur te krijgen.

Opnieuw speelt hier de Avond van Van Thijn een belangrijke rol. VVD-leider Van Aartsen heeft deze gebeurtenis, nog nadrukkelijker dan al bleek uit het Paasakkoord van de coalitiepartijen, aangegrepen als breekijzer. Hij zei begin deze week in een vraaggesprek met deze krant dat hem op 22 maart 'de schellen van de ogen zijn gevallen' over de mate waarin de PvdA tot democratische vernieuwing bereid is. Of dat de hele waarheid is of niet, Bos zit met de gebakken peren. Werkt het breekijzer van Van Aartsen, dan staat de PvdA tot 2011 buitenspel. Van de weeromstuit heeft Bos daarom een week terug in Trouw zijn koers nog opzichtiger naar het midden verlegd, daarbij afstand nemend van GroenLinks en SP als vijanden van de middenklasse en zelfs van zijn deelname aan de vakbondsdemonstratie tegen het kabinetsbeleid vorig najaar.

Bos wil dus niet meewerken aan de opzet van Van Aartsen een tweedeling te forceren, zelfs niet een tijdelijke. Dat is in zoverre ongerijmd dat hijzelf en voor hem vele andere PvdA-kopstukken, omwille van de duidelijkheid voor de kiezers, dikwijls voor zo'n tweedeling hebben gepleit. Bos sprak zich nog niet zo lang geleden uit voor een districtenstelsel, dat tot twee kampen zou dwingen. Routinier Klaas de Vries bepleitte begin 2001 de vorming van een progressief blok rond zijn partij, dat het kon opnemen tegen een conservatief blok rond de VVD. Maar nu dit perspectief naderbij komt, deinst Bos terug.

Dat vergroot wellicht zijn kansen op regeermacht, als de coalitie geen meerderheid haalt, maar biedt tevens mogelijkheden voor nieuwkomers die niet alleen de coalitie maar de hele gevestigde macht als één pot nat uitdagen. Ook Peter R. de Vries heeft al aangegeven dat hij, in navolging van Fortuyn, die kaart zal spelen. Naarmate de PvdA er in de oppositie minder in slaagt een duidelijk alternatief te bieden voor het kabinetsbeleid en zelfs dichter tegen de coalitie aankruipt, stijgen de kansen voor Peter R. de Vries en andere uitdagers.

mailIcon print |