De 'brede school' is in opkomst in Nederland. Zweden geldt internationaal als lichtend voorbeeld. Alle scholen zijn daar breed: crèche, peuterspeelzalen, scholen en naschoolse opvang zijn geïntegreerd.
KOPENHAGEN - Sigun Warnander werkt met kinderen tussen 1 en 16 jaar oud, in een school nabij Stockholm. Het is dan ook een 'brede school'. Behalve onderwijs voor 6- tot 16-jarigen jaar, is daar een dagverblijf voor baby's en peuters te vinden, voor- en naschoolse opvang, sportvoorzieningen en gezondheidszorg. Soms fungeert de school als een buurtcentrum, waar lokalen en de sporthal zelfs 's avonds worden gebruikt.
En het enthousiasme voor het concept is nog altijd groot: ,,Wij geloven in dit systeem'', zegt Sigun Warnander. Ze staat versteld als ze hoort dat er in de Nederlandse scholen geen kinderpsychologen werken. ,,De school is zo belangrijk in het leven van een kind. Als het psychische problemen heeft, moeten docenten en ouders daar juist bij betrokken worden. Waar kan dat beter dan op school?''
De Zweedse schoolpsycholoog werkt samen met docenten, ouders en instanties. ,,Van die psychologen zouden wij er wel wat meer willen hebben. We moeten er één met andere scholen delen'', aldus Warnander. Ook hebben veel scholen een schoolverpleegster. Zij volgt de lichamelijke ontwikkeling van leerlingen en verwijst eventueel door naar de schoolarts, die geregeld langskomt. Ander voordeel: bij valpartijen kan zij wonden verzorgen.
Warnander werkt als leidster in de voor- en naschoolse opvang, maar heeft toch een volle baan omdat ze ook op de school helpt. Zij wordt bijvoorbeeld ingezet bij kinderen die extra aandacht nodig hebben. ,,Ik praat bijvoorbeeld met ze over pesten.''
De Zweedse deed onderzoek naar de rol van de naschoolse opvang in de beginjaren, in het Zweden van de jaren zestig. ,,Iedereen die ik interviewde herinnerde zich vooral de omgeving van de school. Het bos waar ze hutten konden bouwen. Dat maakt duidelijk dat de omgeving heel belangrijk is.''
Behalve de vestigingsplek hechten de Zweden ook aan een goed werkklimaat op school. Sinds 1990 vallen niet alleen docenten en ander schoolpersoneel onder de Zweedse arbo-wet, maar ook leerlingen tussen 6 en 16 jaar. Met 1,4 miljoen leerlingen is de school in Zweden de grootste arbeidsplaats.
Arbetsmiljöverket, de Zweedse instantie die zich bezig houdt met toezicht op het werkklimaat, krijgt jaarlijks duizenden klachten van leerlingen. ,,Dat kan van alles zijn. Klachten over de toiletten, de tijd die ze hebben voor het douchen na gymnastiek of over pesten'', aldus Catarina Edgar van Arbetsmiljöverket. De instelling werkt onder meer samen met de kinderombudsman en de ombudsman voor gehandicapten. Ook dit jaar zal de instantie 2500 scholen inspecteren.
Over de opvang voor kinderen tussen 1 en 5 jaar is de laatste jaren veel te doen geweest. In Zweden gaat 80 procent van alle kinderen van die leeftijd naar een dagverblijf. Er was onder ouders grote ontevredenheid over de grootte van de groepen (gemiddeld zeventien kinderen op drie medewerkers). In 2002 was het een belangrijke verkiezingsbelofte van de sociaaldemocraten om de groepen te verkleinen.
De 'minister van kinderdagverblijven', Lena Hallengren, heeft voor de komende drie jaar extra geld uitgetrokken voor 6000 nieuwe medewerkers. Om de kwaliteit van de dagverblijven te verbeteren, liet zij drie- tot vijfjarigen interviewen. Ook liet zij kinderen tekenen of vertellen wat er kan verbeteren. Er waren opvallend weinig klachten. Eén klacht keerde vaak terug: dat hun ouders hen kwamen ophalen op het moment dat ze net zo lekker aan het spelen waren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.