*

 

Dit moet keerpunt voor de krant zijn

Door: redactie − 01/07/06, 00:00

Een krant moet de lezers niet te vaak lastigvallen met de eigen beslommeringen (zeker niet in tijden van grote politieke woelingen in het land) maar voordat deze rubriek op zomerreces gaat, wil ik het nog één keer doen. De betrokkenheid van abonnees bij het wel en wee van Trouw is groot en wij willen na het ’wee’ ook graag het ’wel’ melden.

Op 27 maart berichtten wij dat de krant ondanks de groei van de oplage stevig moet bezuinigen, mede door tegenvallende inkomsten uit advertenties. Het was een zware tegenvaller voor alle medewerkers die van de overstap naar het tabloid-formaat een succes hebben gemaakt en zich al langer inspannen voor een veiliger financiële positie van Trouw.

Zwaarder nog was de consequentie: een vermindering van de bezetting van de redactie met zo’n twintig arbeidsplaatsen. De prioriteiten waren duidelijk: alles doen om de gevolgen voor de lezer te beperken en om gedwongen ontslagen te voorkomen.

Wat het eerste betreft, moeten wij ons reorganiseren om het slimmer en beter te doen en zullen wij onze kracht nog meer zoeken in de selectie en het verrijken van het nieuws waarmee wij ons echt willen onderscheiden. Of wij dat doel bereiken, kan de lezer zelf beoordelen.

Wij vreesden dat wij niet zouden ontkomen aan ontslagen. Onze uitgever PCM en het vertegenwoordigend overleg zijn sociale regels voor reorganisaties overeengekomen. Collega’s kunnen wat eerder volledig of gedeeltelijk met pensioen, arbeidstijd inleveren of vrijwillig vertrekken met een financiële tegemoetkoming afhankelijk van het aantal dienstjaren.

Gelukkig maken daar zo veel collega’s om verschillende redenen gebruik van, dat wij nu ontslagen kunnen uitsluiten. De gevoelens blijven, zoals ik eerder schreef, gemengd. Vertrouwde gezichten, ervaring en kwaliteit verdwijnen, de achterblijvers moeten zich hernemen. Maar de uitgangspositie is beter dan begin dit jaar. Zoveel beter, dat wij nu kunnen berichten dat de krant uit de verliezen is, waarbij wij de eenmalige kosten van PCM voor de regelingen buiten beschouwing laten. De effecten van kostenbeheersing, oplagegroei en extra inspanningen op de advertentiemarkt wekken de verwachting dat wij dit jaar met een kleine winst afsluiten en dat wij onze positie in 2007 verder kunnen verbeteren.

Dit moet een omslagpunt zijn. Volgens de boeken heeft de krant, vanaf de toetreding tot het toenmalige Perscombinatie in 1975, nooit echt winst gemaakt. Dat werd, vermoed ik, met de mantel der liefde bedekt, zolang de Volkskrant en later ook NRC Handelsblad in het concern zo goed draaiden en zolang, in de ogen van de bestuurders, Het Parool het grootste probleem was. De kentering kwam in 2002. De directie verloor het vertrouwen in Het Parool, dat uit het bedrijf trad en er gelukkig nu ook beter voor staat, na bezuinigingen en een sterkere concentratie op Amsterdams nieuws.

De uitgever wilde blijven geloven in onze krant, maar er moest wel wat gebeuren. Het verlies was dat jaar zeven miljoen euro. Drie jaar later naderden wij de nul, maar in de tweede helft van 2005 ging het weer de verkeerde kant op, mede door de verslechterde advertentiemarkt.

Veel buitenstaanders vermoeden dat PCM of zelfs aandeelhouders in de onderneming ons toen voor het blok hebben gezet, maar dat hebben wij zelf gedaan: wij kunnen ons zelf moeilijk serieus nemen in het vertrouwen in een toekomst, zolang de cijfers daar twijfel over laten blijven bestaan.

Nu kunnen we gelukkig weer vooruit kijken en ons meer richten op de inhoud, de versterking van de formule, de verbreding van ons werk via internet en andere media en het verder aanhalen van de band met de lezers.

Ik wens u een goede zomer.

Frits van Exter (fvanexter@trouw.nl)

mailIcon print |