Voor Menachem Begin was alles gerechtvaardigd om een overeenkomst tussen Israël en Duitsland over herstelbetalingen te voorkomen.
De latere Israëlische premier wilde zelfs zijn gouden horloge verkopen om een aanslag op Bondskanselier Adenauer te helpen bekostigen. Deze onthullingen over Begins betrokkenheid bij de – mislukte – poging tot een aanslag op Adenauer in maart 1952, verschijnen deze dagen in de Frankfurter Allgemeine Zeitung.
Het past bij het beeld dat de Israëlische psychiater Ofer Grosbard onlangs in zijn boek schetste over de psychische gesteldheid van de man die in 1978 beloond werd met de Nobelprijs voor de vrede vanwege het vredesakkoord met Egypte. (Het ontlokte indertijd oud-premier Golda Meir de opmerking dat ze Begin in plaats van de Nobelprijs beter een Oscar hadden kunnen geven vanwege zijn acteertalent.)
Vijf jaar later zou Begin, zittend premier, van het politieke toneel verdwijnen, zonder uitleg, met slechts één zinnetje: „Ik kan niet meer.” Hij zou nog negen jaar thuis zitten, verzonken in een depressie.
„Hij wilde niet in behandeling. Ik heb de familie gesmeekt, maar hij wilde er niet van weten. Hij wilde dood”, vertelt Batja Eldad, een sociaal werkster en vriendin van de familie, in het boek van Grosbard.
De psychiater legt Begin virtueel op zijn bank. Aan de hand van interviews en documenten komt hij tot de conclusie dat Begin al jaren manisch-depressief was. Niet de mislukte invasie van Israël in Libanon heeft tot zijn depressie geleid, maar omgekeerd: Begins instemming met de ’grandioze’ plannen van Ariël Sjaron (toen minister van defensie) waren een gevolg van zijn mentale toestand.
Zijn leven lang zou Begin geleden hebben onder het schuldgevoel dat hij aan het begin van de Tweede Wereldoorlog zijn familie in Polen had achtergelaten. „Hij wilde dood”, is ook Grosbards conclusie. Daarom meldde hij zich na zijn vlucht richting Rusland voor ondervraging bij de Russische staatsveiligheidsdienst, in plaats van verder te vluchten.
Grosbard ziet hetzelfde patroon in Begin als commandant van de Etzel-beweging, die vocht tegen de Britse overheersing van het toenmalige Palestina, en in zijn latere politieke leven. Begin bracht zichzelf fysiek in gevaar vanwege zijn wens dood te gaan. En telkens als hij zich verworpen voelde, verzonk hij in een depressie.
Tegelijkertijd was er de manische Begin, de volksmenner die zich liet meeslepen door zijn eigen woorden en toejuichingen van het volk. Zijn aanhang zag hij als familie. Zijn tegenstanders kregen vaak het stempel nazi’s (die zijn familie hadden vermoord).
Ook Israëls premier David Ben Goerion collaboreerde volgens Begin met de nazi’s omdat hij onderhandelde over de Duitse herstelbetalingen.
In dit licht is het niet vreemd dat Begin betrokken was bij een aanslag op de Duitse bondskanselier die met Israel overlegde over de herstelbetalingen, ’bloedgeld’ volgens hem. In januari 1952 leidde Begin in Jeruzalem een felle demonstratie tegen de herstelbetalingen. Hij riep op tot burgerlijke ongehoorzaamheid. De opgehitste betogers bestormden het parlementsgebouw en bekogelden het met stenen.
Het overleg met Duitsland ging door. Twee maanden later volgde de aanslag op Adenauer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.