*

 

Geef illusie nieuwe kans, zegt de oud-renner

John Graat − 03/07/06, 00:00

De Tour is onderweg. De reis brengt de volger op bijzondere plaatsen. In deze rubriek belevenissen, ontmoetingen en mijmeringen. Deel 1: De eerste liefde en het bedrog.

In het Village Départ klinkt muziek, voor de start van de eerste etappe. Onder de bomen van het park in Straatsburg steekt de oud-renner een sigaret aan. Er is geen ontsnappen aan: het gaat over doping. Hij noemt de huidige aanpak dweilen met de kraan open. Denken wij, vraagt hij, dat deze sport met het oprollen van één laboratorium in Madrid schoon is? Dat er nergens ter wereld geen enkele dokter meer is die hand- en spandiensten verleent? Hij vertelt over zijn eigen tijd. Dat hij in de jaren tachtig wilde experimenteren met het aftappen van zijn eigen bloed. Wat denk je? De bloedzak knapte!

We lachen.

Ik opper dat wielrennen mijn eerste liefde was. Plakboeken, uren voor de tv, wegdromen bij de lyriek van Theo Koomen, handtekeningen vragen bij criteriums; daar was de zomer mee gevuld. Dat ik op de achterbank van de auto van J.v.d.V. voor de Profronde van Boxmeer een doosje met ampullen zag staan, kon de liefde niet bekoelen. Het maakte die wereld misschien nog spannender.

Liefde ligt dicht bij haat, zegt de oud-renner.

De wielersport is een femme fatale, die aantrekt en afstoot. Ze heeft haar eigen wetten. Ze bedroog, maar kreeg telkens vergeving. Ze beloofde beterschap. We zouden het opnieuw proberen. En ze gaf zoveel terug. Ik bezweek weer voor de wrede schoonheid van een zware sport, veeleisender dan alle andere. Het maakt misschien vergevingsgezinder. Wielrenners blijken ook aardige mensen.

Begin augustus 1996 had ik mijn eerste ontmoeting met Jan Ullrich, in café ’t Kruispunt in Maarheeze. Hij kwam zijn rugnummer ophalen voor een profcriterium na de Tour. Hij was daarin sensationeel tweede geworden. De verlegen, aardige Duitser met sproeten sprak over de gekte die hem had overvallen. Het waren, bleek later, de hoogtijdagen van de epo.

Jan zit nu als een banneling thuis. In het park van Straatsburg verzamelt het peloton zich voor de eerste, nerveuze etappe. Jongen, geloof me, probeert de oud-renner, er zijn genoeg schone renners. Wat heeft het voor zin de relatie definitief te beëindigen? Alsof er in andere sporten geen fraude wordt gepleegd. Omkoping in het voetbal? De harde aces op Wimbledon? Of buiten de sport? De duistere spelletjes in de politiek, de boekhoudschandalen. Welke wereld is brandschoon?

Vragende blik.

Sport kan niet zonder illusies. We willen geloven in een eerlijke strijd. Momenteel klinkt elke belofte van de wielersport hol. Geef die illusie een nieuwe kans, zegt de oud-renner. Ik knik, het is verleidelijk. Maar het zal nooit meer worden zoals het was. Met zijn schoen drukt hij zijn sigaret uit op het gras.

mailIcon print |