*

 

Een land van lege kerken

door Emiel Hakkenes − 05/09/06, 00:00

Nederlanders noemen zich graag religieus, blijkt uit het onderzoek ’Godsdienstige veranderingen in Nederland’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau. We geloven in van alles, in God en in de hemel, maar komen zelden meer in de kerk.

Bijna twee derde van de Nederlandse bevolking zal in 2020 buitenkerkelijk zijn. Tenminste, als de schattingen van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) uitkomen. Vandaag verschijnt van het SCP het rapport ’Godsdienstige veranderingen in Nederland’. De auteurs trekken een aantal tendensen van de afgelopen decennia door naar de toekomst. Dat pakt vooral voor de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) slecht uit: als de voortekenen niet bedriegen, zal in 2020 de PKN nog vier procent van de Nederlandse bevolking vertegenwoordigen. „Dat aandeel is natuurlijk gering te noemen”, stelt het rapport, en het is de vraag of je een kerk van die omvang nog apart moet onderscheiden, of op een hoop kunt vegen met andere kleine genootschappen.

De vorming van de PKN heeft waarschijnlijk negatief uitgewerkt op het ledental, denken de onderzoekers van het SCP. Dubbeltellingen zijn uit de ledenadministratie verdwenen, en er waren leden die de stap naar een gecombineerde kerk niet wensten te maken.

Ook voor de rooms-katholieke kerk is het verval sinds 1970 groot geweest. Het aandeel van de katholieken onder de bevolking liep terug van 40 naar 28 procent, en het aantal parochies daalde met bijna een vijfde. Ging in 1980 nog een kwart van de katholieken ’s zondags naar de kerk, in 2005 was dat nog maar 8 procent.

„De veranderingen zijn ingrijpend”, volgens het rapport. „De afkalving is massaal en deed zich voor op een breed front van het kerkelijk leven, waarbij vooral de instorting van het misbezoek, de kerkelijke huwelijksvoltrekkingen en de priesterstand in het oog springen. De rooms-katholieke kerk is in snel tempo omgevormd tot een geloofsgemeenschap die wordt gedragen door vrijwilligers en niet-gewijde krachten.”

Nederland zal, als de huidige ontwikkelingen doorzetten, een land van buitenkerkelijken worden. De secularisatie zet nog even door, maar zal zich stabiliseren op 70 à 75 procent van de bevolking. Twee omvangrijke religieuze groepen blijven over: rooms-katholieken en moslims. Die laatsten zullen in 2020 ongeveer 8 procent van de bevolking vormen.

Zover is het nog niet. Vooralsnog is iets minder dan de helft van de Nederlanders, 44 procent, lid van een kerk. Vergeleken met andere Europese landen is dat relatief laag. Alleen Zweden scoort lager – daar is 30 procent van de bevolking lid van een kerk. Koploper in kerkelijkheid is Italië met 46 procent.

Er geloven méér mensen in God dan er lid zijn van een kerk. In Nederland denkt 52 procent van de mensen dat God bestaat – dat is meer dan bijvoorbeeld in Duitsland (38 procent). Overtuigde atheïsten zijn ver in de minderheid: 17 procent van de Nederlanders.

Een grote groep zit tussen kerklid en atheïst in, vier op de tien Nederlanders vindt zichzelf ’religieus’. Mogelijk, stellen de onderzoekers, hebben in ons land de begrippen ’religie’ en ’religieus’ status, en vinden veel mensen het prettig om zich zo te noemen.

Een deel van de religieuzen, in totaal ongeveer een vijfde van alle Nederlanders, duidt het SCP aan als ’zoekers in spiritueel opzicht’: incidentele kerkgangers, die niet heel vaak maar zo af en toe bidden, die de Bijbel niet letterlijk willen nemen maar wel beschouwen als een uitzonderlijk boek, en die ook wel waarde hechten aan ’paraculturele’ verschijnselen, zoals gebedsgenezing en toekomstvoorspellingen. Vooral groot is het geloof in wonderen, in leven na de dood en in de hemel. Een derde van de Nederlanders denkt dat wonderen mogelijk zijn, en een kwart rekent op een hemel. Volgens 37 procent van de bevolking is de dood niet het einde.

Zo komt het SCP tot het beeld van de hedendaagse gelovige: die is vaker vrouw dan man, vaker oud dan jong, heeft meestal een middelbare opleiding genoten en woont vaker in de provincie dan in de stad. God is voor de huidige religieuze mens een realiteit, maar Hij heeft geen monopoliepositie. De gelovige van nu heeft een ’levensbeschouwelijke patchwork-identiteit’, volgens het SCP. „Hij of zij gelooft van alles. Als het maar om iets bovennatuurlijks gaat.”

mailIcon print |