Bestaat er een 'Hofstadgroep' of niet? Iedereen wacht met spanning op het oordeel van de rechtbank hierover, dat op 10 maart bekend wordt. Op twee verdachten na, zijn alle zaken nu bepleit.
De advocaten zagen vanaf het begin het bestaan van zo'n groep slechts als het verzinsel van de inlichtingendienst AIVD en het openbaar ministerie. Vol vertrouwen begonnen ze dan ook aan de zaak. Gedachten zijn niet strafbaar, benadrukten ze en concrete bewijzen dat hun cliënten samen iets terroristisch van plan waren, ontbreken volgens hen.
Het proces leek voor de verdediging voorspoedig te verlopen. Enkele verdachten mochten eind vorig jaar op last van de rechtbank uit de cel en begin januari volgde er nog één. Zij kwamen op vrije voeten omdat de rechtbank verwacht dat hun uiteindelijke straf lager uitpakt dan de tijd dat ze al in voorarrest hebben gezeten.
Tegen Youssef E. eiste het OM vier jaar cel. Maar op 1 februari mocht ook hij -tot blijde verrassing van zijn advocaat- de cel uit. Daarmee zijn vijf van de dertien verdachten, die volgens het OM een straf verdienen, nu op vrije voeten.
Bij de verdediging groeide het vertrouwen dat de rechters geen terroristische groep in de verdachten lijken te zien. Ook al ziet het OM juist de vijf die nu vrij zijn als de lichtste verdachten: de 'vrienden/volgelingen die iets meer op de achtergrond blijven'.
Dat de 'kern' van de 'Hofstadgroep' wel een straf krijgt, daar houdt vriend en vijand al langer rekening mee. Dat komt doordat tegen hen ook nog andere verdenkingen bestaan.
Jason W. en Ismail A. bijvoorbeeld, zouden in het Laakkwartier een handgranaat naar een arrestatieteam hebben gegooid en Nouriddin el F. werd aangehouden met een wapen in zijn rugzak. Dergelijke beschuldigingen lijken voor het OM niet lastig te bewijzen.
Maar de vraag blijft dan of de rechtbank meent dat er een terroristische groep bestond. Spannend is daarom vooral hoe de rechters denken over het 'middenkader': de vier verdachten die puur nog op verdenking van lidmaatschap van een terroristische organisatie vastzitten.
Daar kwam deze week -tot teleurstelling van de verdediging- een nieuwe aanwijzing voor. Mohammed Fahmi B. behoort volgens het OM tot die tweede laag. De rechtbank wees woensdag het verzoek af om hem vrij te laten.
De ernstige bezwaren tegen B. bestaan nog, menen de rechters. En ook is er volgens hen nu geen reden om te verwachten dat de straf die B. uiteindelijk krijgt, lager uitpakt dan de tijd dat hij al heeft gezeten.
Als de rechters het absoluut ondenkbaar zouden achten dat er ooit een 'Hofstadgroep' heeft bestaan, hadden ze niet geaarzeld één van de vier verdachten, die puur daarvoor zit, op vrije voeten te stellen. Op lidmaatschap van een terreur-organisatie staan hoge straffen. Dus als zo'n beschuldiging af zou vallen, blijft er weinig celstraf over.
De rechtbank heeft één zo'n verzoek nu afgewezen en stelde gisteren het verzoek van advocaten om twee andere 'middenkader'-verdachten uit de cel te laten, uit.
Dat is een indicatie dat de rechters vooralsnog niet willen uitsluiten, dat er inderdaad een terroristische 'Hofstadgroep' kan hebben bestaan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.