*

 

Minachting voor recht kan Hofstadverdachten bezuren

Van onze verslaggevers − 05/01/06, 00:00

Dat sommige verdachten in het 'Hofstad'-proces niet opstaan als rechters binnenkomen, kan tegen hen werken.

Volgens de Rotterdamse hoogleraar strafrecht Paul Mevis is opstaan voor rechters een eeuwenoud gebruik waarmee eerbied wordt betoond aan 'het recht'. Het is niet verplicht en verdachten krijgen doorgaans geen extra straf wanneer zij weigeren. Maar in de zogenoemde Hofstad-zaak kunnen rechters de motieven van verdachten om te blijven zitten wel meewegen bij hun oordeel, zegt Mevis.

Volgens het openbaar ministerie hangen de verdachten een bepaalde, radicaal-islamitische ideologie aan, die tot geweld leidt. Minachting voor elk niet-islamitisch rechtssysteem zou daarbij horen. Als verdachten met dat motief blijven zitten, kan dat een demonstratie zijn van hun opvatting, aldus Mevis. Een aantal verdachten heeft expliciet te kennen gegeven dat zij alleen de sjaria, de islamitische wet- en regelgeving, voor vol aanzien.

Het proces wordt vandaag hervat tegen de 14 verdachten van deelname aan een terroristische organisatie. Verdachte Mohamed el B. zou op enkele radicale 'huiskamerbijeenkomsten' zijn geweest bij Mohammed B., de latere moordenaar van Theo van Gogh. In zijn auto zijn cassettebandjes aangetroffen met teksten die oproepen tot de gewelddadige djihad. De avond voor de moord zou El B. nog bij B. zijn geweest. Het OM beschouwt El B. als een minder belangrijke verdachte.

mailIcon print |