De onderwijsinspectie moet harder kunnen optreden tegen scholen die ondermaats presteren. De inspecteurs moeten scholen een boete kunnen uitdelen of hen kunnen dwingen uitgevallen onderwijsuren alsnog te geven.
Dat adviseerde de Onderwijsraad gisteren aan minister Van der Hoeven van onderwijs. De raad vindt dat inspectie en scholen te collegiaal met elkaar omgaan. “De innige band is een hindernis voor de gewenste afstand, voor autonomie en reëel toezicht“, meent het adviesorgaan.
Het optreden van de inspectie beperkt zich nu vaak tot een goed gesprek. Omdat scholen steeds zelfstandiger instellingen worden, vindt de raad dat de inspectie meer bevoegdheden moet krijgen om in te grijpen, vooral in het basis- en voortgezet onderwijs.
De onderwijsinspectie moet direct alarm slaan als het schoolbestuur er een potje van maakt, de financiën niet op orde zijn of de leerlingen langdurig slecht les krijgen. Sluiting van de school moet kunnen, al blijft dit een beslissing van de minister.
Een ruime kamermeerderheid zei eind vorig jaar al bij de presentatie van de Trouw-schoolprestaties, dat de onderwijsinspectie daadkrachtiger moet optreden, als middelbare scholen ondermaats presteren.
De inspectie reageerde toen door te zeggen, dat ze geen sanctionerende instelling is. “Ons doel is nooit het sluiten van scholen, maar om ze te verbeteren“, aldus hoofdinspecteur L. van Welie.
De Onderwijsraad wil verder, dat de inspectie meer aandacht besteedt aan de bekwaamheid van docenten. Omdat goed onderwijs staat of valt met goede leraren, moet de inspectie de kwaliteit van de examens van lerarenopleidingen beter bewaken. Toezicht op het niveau van de examens in het voortgezet onderwijs zou ook een taak van de onderwijsinspectie moeten worden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.