*

 

nieuwe boeken fictie

Door: redactie − 10/06/06, 00:00

Over één ding zijn ze het eens, de Amerikaanse pragmatist Rorty en de Italiaanse hermeneuticus Vatimo: dat dé metafysische waarheid in deze tijd is verdampt, betekent niet dat er voor religie geen toekomst is. Hoe die er dan uit kan zien, daarover discussiëren de ’religieus onmuzikale’ Rorty en de ’kritisch-katholieke’ Vattimo in deze bundel, onder leiding van de Italiaan Santiago Zabala. Vattimo: ,,Ik heb de indruk dat mensen een afkeer hebben van het christendom wegens de priesters.’’ Heel behoorlijk te volgen, ook voor niet-filosofisch geschoolden.

Vroeger was het makkelijk: Engelsen waren zelfverzekerde inwoners van het British Empire. Nu kampen ze met een afnemend vertrouwen in God en monarchie en een snel veranderende wereld, die ook hun eiland niet ongemoeid laat. NRC-Handelsblad-journalist woonde lang in Londen, ook tijdens de Irak-crises, en probeert in dit boek te achterhalen wie de Brit nog is. Meer een anekdotische dan een wetenschappelijk aanpak, gegroepeerd in hoofdstukken (’Bush & Blair’, ’Town & Country’, ’Nieuwe Britten’, etc). Mét een recept voor Indra’s Chicken Curry.

Dit boek van niet zomaar een goeroe (Gilbert is hoogleraar psychologie in Harvard) wil laten zien hoe het komt dat zelfs hele slimme mensen (grote schrijvers, ingenieurs) niet kunnen voorspellen wat hen gelukkig zal maken. Niet echt een handboek dus: eerder een leesbaar onderzoek naar psychologische, filosofische en neurologische aspecten van de universele zoektocht naar geluk. Maar de geduldige lezer komt nu eindelijk eens te weten waarom (bijvoorbeeld) geld uiteindelijk niet gelukkig maakt.

Zo’n vierduizend ’Trijfels’ schreef Nico Scheepmaker tussen 1975 en 1990: columns voor de GPD-bladen. Tweehonderd daarvan werden gebundeld in dit nog altijd omvangrijke boek. Er komt weleens iets langs dat ons niet meer zo bezighoudt (Mulisch en het Cuba), maar eigenlijk valt de gedateerdheid van deze stukjes erg mee. Scheepmaker schreef met evenveel belangstelling over Russische dissidenten, over voetbal en poëzie, over Van Agt en Den Uyl, over links en over rechts.

,, Ik weet zeker dat hij ’Kopje koffie?’ wil zeggen (..) Te moeilijk, zeker op de vroege ochtend.” Als haar vader door een beroerte getroffen wordt en tijdelijk zijn spraakvermogen verliest, begint taalkundige en journaliste Koenen een dagboek. Pittig, beknopt en eerlijk.

mailIcon print |