In het Rembrandtjaar organiseert Trouw de verkiezing van het mooiste schilderij van Nederland. Ook u kunt meedoen. Twintig bekende Nederlanders geven vast hun favorieten. Aflevering 9: acteur Victor Reinier.
Er hangen drie werken van Klaas Gubbels, drie werken van Jules Chapon en een enorme Robert Rauschenberg aan de witgestucte wanden van de woonkamer van Victor Reinier. Abstracte lijnen, heldere kleuren en de eigenwijze tafels en koffiepotten van Gubbels mengen gemakkelijk met de knalrode loungebank en het hightech tv-toestel.
De acteur Victor Reinier Nieuwenhuijzen - meest bekend als Dick Vledder, de tweede man in de politie-serie Baantjer (waarvoor hij ook scripts schrijft) en presentator van 'Lucky Letters'- waarschuwt door de telefoon dat hij geen kunstkenner is. Aan de grote tafel in zijn kamer, met achter zich de kleurrijke Rauschenberg, herhaalt hij dat statement. Maar zodra hij begint te praten, blijkt dat schandelijk overdreven. Reinier heeft een uitgesproken mening over kunst en kan daar aanstekelijk over vertellen.
Hij is goed bevriend met Klaas Gubbels en dat scheelt een hoop, zegt hij. “Het leuke is dat ik bij hem thuis in zijn atelier kan komen kijken. Daar zie je niet een paar werkjes, zoals in een galerie, maar van alles: schetsjes, probeersels, een hoop rotzooi, bergen schilderijen. Als er een stapel doeken omflikkert, geeft dat niets. Heel anders dan wanneer je een conservator met witte handschoentjes met een schilderij in de weer ziet.
“In een atelier zie je niet alleen het eindresultaat, maar het hele proces. Daarom vind ik het Picasso Museum in Parijs ook zo goed. In de vitrines liggen allerlei frutseltjes, die Picasso tekende op bierviltjes of op de binnenkant van een pakje sigaretten. Die man zat voortdurend te tekenen, kon het niet laten. En die dingen zie je terug in Picasso's grote werk. De Guerníca, het beeld van die gekke geit: de aanloop ervan zie je in al die schetsjes.
“Bij Gubbels is dat proces in het uiteindelijke werk terug te zien. De eerste potloodstreep mag zichtbaar blijven onder de verf. Hij had eens een tafeltje geschilderd met een koffiepotje erop. Dat potje vond hij later niet goed. Hij heeft het weggehaald, maar zo, dat je daar nog wel een vlek ziet. Zo zie je niet alleen een mooi werk, maar ook de keuze van de kunstenaar. Daar hou ik van.“
De ouders van Reinier gaven beiden les aan de Rietveldacademie, zijn vader als grafisch ontwerper, zijn moeder als mode-ontwerper. Zij werd daar later adjunct-directeur.
Ze waren bevriend met veel beeldend kunstenaars. Dat waren volgens Reinier niet de leukste vrienden. Reinier; “Dat waren van die artistiekelingen, de ene bril nog excentrieker dan de andere. Er werd veel gedronken en luidruchtig gediscussieerd.
Ze hadden ook rustiger vrienden. Bijvoorbeeld H.C. ten Berge, die onlangs de P.C. Hooftprijs heeft gekregen. Maar van die schreeuwlelijkerds heeft nooit meer iemand gehoord.“
Reinier ging met zijn ouders naar het museum, maar ook soms met school. “Als jongetjes onder elkaar zeiden we altijd dat we het allemaal maar niks vonden. Maar ondertussen dacht ik toch wel: 'Shit, dit heeft hij knap gedaan. Dit is toch wel erg mooi.' Dat liet je niet merken natuurlijk.“
Als kind waardeerde hij Rembrandt meer dan moderne kunstenaars. Nu is dat andersom. “Kinderen houden ook meer van de gevulde koek van Albert Heijn dan van de koek van de warme bakker. Want die van Albert Heijn is zoeter en heeft niet zo'n harde korst. Rembrandt is ook makkelijker te verteren voor een kind. Nu denk ik: Ja, heel knap. Mooi gedaan, dat licht. Maar het raakt me niet. Voor moderne kunst moet de kijker meer zijn best doen. Maar als het je dan raakt, wordt het iets heel persoonlijks. Misschien hou ik er ook wel van, omdat het meer bij deze wereld hoort. Hoewel, ik hou niet van computerkunst. En pop art - die stripfiguren met dat grove fotoraster -vind ik wel blits en rebellerig, maar uiteindelijk minder spannend dan Francis Bacon of Robert Rauschenberg.“
Het artistieke milieu van zijn ouders mag hem dan hebben tegengestaan, het zijn toevallig wel vrienden van zijn ouders die nu aan zijn muren hangen en zijn top vijf bevolken.
“Op 1 zet ik Gubbels met zijn koffiepot. Het gaat me niet om deze ene koffiepot, maar om het resultaat van twintig jaar koffiepotten schilderen. Het bijzondere van Gubbels vind ik dat hij weliswaar heel goed kan schilderen - portretten, stillevens - maar dat hij er steeds meer dingen vanaf is gaan halen. Van het stilleven keerde hij terug tot alleen de tafel: vier poten en een blad. En die tafel maakt hij keer op keer. Het gaat om de zoektocht naar de tafel. Of de koffiepot. En nu herken je die tafel en koffiepot al van vijfhonderd meter afstand als een Gubbels. Het is een sterker signatuur geworden dan de handtekening.“
Op 2 staat Lucebert. Dat heeft alweer met zijn ouders te maken. “We hadden vroeger thuis een heel mooi werk van Lucebert: een uil met een ballonnetje in zijn mond. Althans, dat zag ik er als jongetje in. Ik hou sowieso heel erg van Cobra-schilders. Die beweging heeft totale vernieuwing gebracht en is herkenbaar aan een geheel eigen stijl.“
Als derde moet Jules Chapon op de lijst, ook een vriend van zijn vader. Reinier houdt van zijn abstracte werken in lichte kleuren, die een groot contrast vormen met zijn trieste, sombere oorlogsschilderijen.
Hoewel moderne kunst zijn voorkeur heeft, kan een Van Gogh hem ook wel bekoren. “Ik was altijd blij als we naar dát museum gingen, omdat ik dat interessanter vond dan de Gouden Eeuw. Zo'n veld met bloemen, met de verf er veertig centimeter dik opgesmeerd, dat doet je toch wel wat.“
Wat Reinier als kind wél fascineerde aan oudere schilderijen was dat ze een beeld gaven van het verleden. Geschiedenis was op school zijn lievelingsvak en zo'n schilderij vertelde meer dan een les op school. “Er staat hetzelfde op als op een foto. Maar omdat het geschilderd is, geeft het meer spanning. Als je bijvoorbeeld een foto van een anatomische les zou zien, zeg je: 'Gatver!' Bij Rembrandt blijf je gefascineerd kijken.“
Het museum was ook een bijzondere vorm van biologieles. “Al die blote tieten. In een museum kon je zomaar tien minuten naar een seksplaatje kijken. In de kunst wordt vrijmoedig omgegaan met erotiek. Dat spreekt me aan. Vandaar dat ik kies voor een uitgesproken voorbeeld daarvan: Rembrandts 'Pissende vrouwtje'.“
Details over de verkiezing: www.hetmooisteschilderijvannederland.nl. Daar kunt u ook meedoen aan de verkiezing door te reageren en zelf schilderijen te nomineren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.