Vorig jaar zijn 121000 Nederlanders naar het buitenland vertrokken. Een jaar eerder waren dat er 110000.
Er zijn veel meer emigranten dan immigranten. Er waren ook opnieuw minder geboorten. Daardoor is de groei van de bevolking sinds 1900 niet zo laag geweest.
Dat blijkt uit tellingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het aantal inwoners nam vorig jaar met 30000 toe. Op 1 januari telde het land 16,34 miljoen inwoners.
De helft van de emigranten is in Nederland geboren. Onder hen gaan er steeds meer naar landen als Belgiƫ, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk of de Antillen. Degenen die niet hier geboren zijn, zijn terugkeerders naar het thuisland of mensen die elders aan de slag gaan.
Naar Nederland kwamen 94000 immigranten, ongeveer evenveel als in 2004. Steeds minder van hen komen uit Turkije en Marokko. Vorig jaar waren het maar enkele honderden. Polen zijn immigrant nummer 1: vorig jaar telde het CBS er 7000 tegen 2000 een jaar eerder. Zij vormen de grootste groep, na de Nederlanders, die uit het buitenland naar hun thuisland terugkeren. Demograaf Jan Latten van het CBS spreekt van 'nieuwe immigranten'. “Een ander type dan vroeger. Nu zijn ze vooral afkomstig uit de landen in het voormalige Oostblok. Hun aantal zal nog groeien.“
Latten merkt ook op dat na tientallen jaren van intocht -meer komers dan vertrekkers- de uittocht sinds 2004 begonnen lijkt. Hij verwacht dat de emigratie nog zal stijgen maar niet veel. “Maar de komende jaren blijft wel een uittocht.“
Vorig jaar werden 188000 kinderen geboren, 6000 minder dan in 2004. Die daling zal doorzetten: er zijn minder jonge vrouwen.
Het aantal sterfgevallen bleef met 137000 hetzelfde als vorig jaar.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.