*

 

We hebben allemaal de gevoelens van Medea

door Sandra Kooke − 20/09/06, 00:00

Overal ter wereld bestaan oeroude mythen, sagen en legenden, waarin mensen hun worsteling met het leven hebben beschreven. Zo oud als die verhalen zijn, vormen ze met hun herkenbare thema’s en symbolen nog steeds de basis van de hedendaagse kunst en van ons denken. Deel 4: Medea, de kindermoordenares.

Er was eens een held, Jason, die het Gulden Vlies wilde veroveren om koning te kunnen worden. Hij bouwde een schip, de Argo, trommelde een stel krijgers op en voer naar Colchis, waar het Gulden Vlies door een draak werd beschermd.

In Colchis werd hij in de ene na de andere hinderlaag gelokt. Dat hij het overleefde had hij te danken aan Medea, de koningsdochter met toverkrachten. Ze was verliefd geworden op Jason en hielp hem, tegen de wil van haar vader, om zijn plannen te verwezenlijken. Ze zong de draak in slaap en Jason roofde het vlies. Hij rende zo snel mogelijk naar het schip en Medea ging, met haar kleine broertje, met hem mee. Toen het schip van de koning hem inhaalde, had Medea een laatste oplossing om de soldaten af te leiden. Ze doodde haar broertje, sneed hem in stukken en smeet die overboord.

Jason kreeg de troon, maar erg gelukkig was hij niet met dit door bedrog en dood gewonnen rijk. Evenmin met de berekenende tovenares uit het barbaarse Colchis als zijn vrouw. Hij werd verliefd op de dochter van de koning van Korinthe, een veel betere partij, verliet Medea en nam hun twee kleine kinderen mee. Maar Medea nam wraak en vermoordde zijn bruid en de jonge kinderen.

Tegenwoordig is Medea een veel bekender personage dan Jason. Hij mag dan heldhaftig over de zeeën hebben gezworven en een of ander vlies hebben geroofd, de meest fascinerende persoon is de vrouw die uit liefde haar broer doodde en uiteindelijk uit wraak haar eigen kinderen ombracht. Steeds komt die vraag terug: Hoe komt een vrouw zover dat zij haar kinderen vermoordt?

In de monoloog ’trünen aus blut: Medea’ van de Nederlands-Duitse actrice Judith van der Werff is die fascinatie het uitgangspunt. Medea geeft daarin fragmenten van een antwoord. Helemaal begrijpen zullen we haar wraak nooit. Maar misschien is dat wel de reden waarom we het verhaal steeds opnieuw willen vertellen.

Judith van der Werff: „Het boze en slechte fascineert. We hebben allemaal wraakgevoelens, ik heb ook weleens fantasieën gehad over iemands dood. Maar iemand werkelijk doden gaat voor de meesten van ons te ver. Wraak lijkt uit de westerse samenleving verdwenen. Alleen de doodstraf in bijvoorbeeld de Verenigde Staten is er een geïnstitutionaliseerd overblijfsel van. Moord, zeker de moord op je eigen kinderen, is een volstrekt taboe. Maar de gevoelens die aan wraak ten grondslag liggen, hebben we allemaal.”

Van de vele schrijvers die zich door het verhaal over Medea hebben laten inspireren, koos Maik Priebe, de regisseur van Van der Werff, er vier om een monoloog van Medea samen te stellen: Christa Wolf, Dea Loher, Heiner Müller en Hans Henny Jahnn.

Medea zit aan het einde van haar leven gevangen en kijkt terug op haar geschiedenis. Ze vertelt haar levensverhaal, opgebouwd uit uiteenlopende, soms elkaar tegensprekende herinneringen. In haar hoofd spreekt ze met Jason.

Van der Werff: „Ze beleeft voortdurend haar leven opnieuw, omdat ze wil begrijpen hoe het zo heeft kunnen lopen. Dat is het probleem als je geen partner hebt: je herinneringen vallen uit elkaar, want je hebt geen getuige die iets kan tegenspreken of bevestigen. Daarom moet je steeds in je eentje de dingen herbeleven. Ze snapt gewoon niet hoe het gegaan is. Wat is de waarheid in je herinnering, er zitten zoveel kanten aan.”

Al is Medea een wraakzuchtige, moorddadige vrouw, Van der Werff heeft vooral medelijden met haar. „Aan het eind van haar leven is ze zo geïsoleerd geraakt. Niemand luistert naar haar kant van het verhaal, naar het waarom van de moorden. Dat kan natuurlijk ook niet meer als je je eigen broer en kinderen hebt vermoord.”

De monoloog maakt van de demonische, mythologische tovenares een gewone vrouw. Daardoor kunnen we kijken naar het waarom van de moorden. Medea heeft drie verschillende motieven gehad: de moord op haar broer pleegde ze uit liefde voor Jason. Het was de enige manier om hem te redden en hem het Gulden Vlies te bezorgen. De moord op Jasons bruid was pure jaloezie en wraakzucht. De moord op haar kinderen was haar enige uitweg. Van der Werff: „Het was een bewuste daad. Misschien deed ze het omdat ze niet meer wilde leven. Misschien wilde ze wel in een kerker zitten en vrij zijn van alle anderen, van alle pijn. Een langzame zelfmoord. En misschien wilde ze ook niet dat haar kinderen in zo’n wereld vol verraad zouden leven.”

Al die moorden op een rijtje, met die verschillende motieven, maken het onmogelijk om haar niet als moordenares te zien. Maar Van der Werff ziet haar toch in de eerste plaats als slachtoffer: „Natuurlijk pleegt ze de moorden zelf. Maar Jason laat toe dat zij haar broer doodt. Ze doet het voor hem. Daarmee begint het verraad van Jason. Zij hield zoveel van hem en dan keert hij zich tegen haar en kiest een jongere vrouw. Verraad is het ergste wat er is. Je vertrouwt op iemand en dat blijkt ten onrechte. Als je het van haar kant bekijkt, zie je dat de moorden hierdoor veroorzaakt zijn: zij hield te veel van Jason. Ze heeft wel zelf de moorden gepleegd, maar ze mag er niet alleen verantwoordelijk voor worden gesteld. Dat wil niet zeggen dat zij het goed zou vinden als we haar de verantwoordelijkheid af zouden nemen. Daar is zij te trots voor.”

Zoveel moorden, zoveel wraak lijkt grotesk in onze geciviliseerde maatschappij. In de monoloog probeert Medea het uit te leggen. In haar boze buien geeft ze Jason de schuld: ’Je bent me een broer schuldig, Jason!’ In haar boosheid is ze nog eenmaal sterk. Van der Werff: „Eenzelfde soort monoloog over Jason zou trouwens ook heel interessant zijn. Hoe kijkt hij hier eigenlijk op terug?”

Er is ook één moment van spijt als Medea bedenkt: ’Ik had Colchis niet hoeven verlaten’. Bij gebrek aan een tegenstem die dat bevestigt of ontkent, duurt dat maar een moment. Voor wroeging over de moorden is nog geen ruimte, denkt Van der Werff. „Er is haar te veel aangedaan. Ze denkt dat ze gelijk heeft omdat zij onvoorwaardelijk heeft liefgehad en Jason haar heeft verraden. Ze begrijpt bovendien nog steeds niet helemaal wat er is gebeurd.”

Daarom denkt Van der Werff dat Medea als ze haar leven over kon doen, toch weer dezelfde keuzes zou maken. „Medea snapt nog steeds niet hoe dit zo heeft kunnen gebeuren. Ze zou het over willen doen om het beter te begrijpen. Daarom zal ze avond aan avond dezelfde herinneringen op blijven halen, om te kunnen begrijpen wat er is gebeurd.”

mailIcon print |