*

 

Meer kunst op tv, zegt C

Nico de Fijter − 20/09/06, 00:00

Er is veel te weinig kunst en cultuur op de publieke tv. Daarom moet er een nieuwe omroep komen die zorg draagt voor een fatsoenlijk aanbod van kunst en cultuur, zoals het een publieke omroep betaamt. Dat is nodig, want de publieke omroep laat het wat dat betreft steeds meer afweten. Het totale budget voor kunst en cultuur loopt gestaag terug. De leiding is meer geïnteresseerd in bereik dan in inhoud, uit vrees voor marginalisering en teruglopende reclame-inkomsten.

Aldus betogen Kees van Twist en Ad ’s Gravesande, die vorige week begonnen met de ledenwerving van die nieuwe omroep. Omroep C gaat die heten.

Volgens de mediawet moet 25 procent van de totale tv-zendtijd bestaan uit cultuur. De helft daarvan moet uit kunstuitzendingen bestaan. Het commissariaat voor de media beoordeelt elk jaar of aan die wettelijke voorwaarden wordt voldaan. In 2003, 2004 en 2005 maakte het kunst- en cultuuraanbod respectievelijk 32 procent, 31,2 procent en 26,6 procent van de totale programmering uit.

Kan zijn, zegt Omroep C. Maar de termen kunst en cultuur worden in die beoordeling wel heel erg ruim geïnterpreteerd. Zo worden de satirische programma’s ’Dit was het nieuws’ en ’Koefnoen’, maar ook het Eurovisie Jongeren Songfestival en het EO-samenzangprogramma ’Nederland zingt’ als kunst gekwalificeerd. Onder cultuur valt onder meer: de soap ’Onderweg naar morgen’ en het documentaireprogramma ’Zembla’. Die ruime interpretatie is in strijd met de mediawet, stellen Van Twist en ’s Gravesande.

Onzin, vindt de publieke omroep: „Het geven van selectieve voorbeelden is natuurlijk altijd gemakkelijk om een bepaald beeld neer te zetten”, zegt een woordvoerder. „Maar het totale bestand aan kunst- en cultuurprogramma’s is vele malen groter. Het gaat bij benadering over enkele honderden programma’s.” Toch is er al een tijdlang discussie over de vraag welke programma’s als kunst en cultuur mogen worden betiteld. „We zijn daar al een paar keer met de publieke omroep over in gesprek geweest”, zegt een woordvoerster van het commissariaat voor de media. „De komende tijd gaat dat overleg verder. Want vriend en vijand zijn het er wel over eens dat de definiĆ«ring van kunst en cultuur nu te ruim is.”

Ander kritiekpunt van Omroep C: veel kunst- en cultuurprogramma’s worden op onmogelijke tijdstippen in de publieke programmering weggedrukt. Gevolg: geen mens die ernaar kijkt.

Alweer onzin, vindt de publieke omroep. Sinds deze maand bijvoorbeeld zendt de publieke omroep iedere zondag tussen vijf en acht (’s avonds) een kunst- en cultuurblok uit. En de C-initiatiefnemers gaan ook voorbij aan het nieuwe cultuurkanaal Cultura, zegt de publieke omroep. Dat digitale kanaal over kunst en cultuur – een samenwerking tussen de NPS en NRC Handelsblad – ging deze maand van start.

Nog een kritiekpunt van C: Weliswaar is het de bedoeling dat er volgend jaar meer uren kunst en cultuur op tv te zien zijn, maar – nog los van de ruime interpretatie van de begrippen kunst en cultuur – bestaan veel van die uren uit herhalingen. Ook dat is onzin, vindt de publieke omroep. Los van de herhalingen neemt het aantal nieuwe uren kunst en cultuur volgend jaar juist met zo’n 200 uur toe.

Omroep C wil in 2008 beginnen met uitzenden. Als de mediawet die voormalig staatssecretaris Van der Laan voorstelde, doorgang had gevonden, had dat gekund. Die wet had in 2008 in moeten gaan. Maar met de val van het kabinet is dat voorstel voorlopig van tafel. Tot die tijd geldt daarom gewoon de huidige mediawet. Volgens die wet kunnen nieuwe omroepen pas in september 2010 toetreden. „Dat betekent dat omroep C zijn nieuw geworven leden vier jaar lang contributie laat betalen, voordat er maar een seconde van hun programmering op tv te zien zal zijn.”

mailIcon print |