*

 

Gevaert baken van puurheid in een verdorven sporttak

door Rob Velthuis − 12/08/06, 00:00

Voor Kim Gevaert lag een carrière in de klassieke muziek open. Nu wordt de bescheiden, fijnbesnaarde sprintster in België beschouwd als een baken van puurheid in een van doping vergiftigde wereld.

Gevaert is net 28 jaar, haar laat begonnen loopbaan loopt over het pad van de geleidelijkheid, maar het blijft wennen aan de dit jaar verworven status. Samen met haar mannelijke evenknie Francis Obikwelu werd ze vorig weekeinde tijdens een persconferentie aangekondigd als de toekomstige koning en koningin van de Europese kampioenschappen.

Gevaert bloosde en wees naar de Zweedse Klüft en Bergqvist, die een veel grotere staat van dienst hebben. Gevaert wilde even niet weten dat ze op de 100 en 200 meter de aansluiting heeft gevonden met de wereldtop.

Het moet de Belgische bescheidenheid zijn, want wat stelt het land voor in de atletiek?

Twee Europese kampioenen baarde het in een lange geschiedenis, steeple-atleet Gaston Roelants in 1962 en marathonloper Karel Lismont in 1971. Met sprinten had België niet veel.

Nu Gevaert deze week in Gotenburg zowel op de 100 als 200 meter de nieuwe Europese kampioen is geworden, mag er wat haar betreft iets veranderen. Al voor de Olympische Spelen, waar ze op de 200 meter zesde werd, gaf ze dat in een interview voor ’Vlamingen in de Wereld’ aan.

„Ons land heeft een iets te stereotype en beperkte sportcultuur. Bepaalde sporten zoals voetbal, wielrennen en sinds kort tennis worden intensief voorgeschoteld. Ik ben wel blij dat er stilaan een nieuwe dynamiek groeit en er extra geld wordt vrijgemaakt voor het zoeken en begeleiden van talent. Maar er moet mijns inziens ook meer geld gaan naar het stimuleren van jongeren.”

Gevaert zet zichzelf actief in. Een van de drie sociale projecten waarmee ze zich actief bezighoudt, is een project om met een atletiekprogramma fitheid bij basisscholieren te stimuleren.

Zelf kwam Gevaert later in de atletiek terecht, al had ze bij haar intrede als vijftienjarige met turnen en jazzballet een basis gelegd voor coördinatie en ritme. Gevaert speelde dwarsfluit en piano, een carrière in de klassieke muziek lonkte.

De belangstelling voor topsport was latent aanwezig, als kind voelde ze zich erg aangetrokken tot het verhaal De Olympische Smurf. Toen ze door haar broer werd meegetroond naar de atletiekbaan van het Leuvense Sportkot, werd haar sprinttalent meteen onderkend.

De overschakeling vormde geen probleem. Haar ouders hielden hun vier kinderen voor dat ze hun talenten ten volle moeten benutten, ongeacht intellectueel, artistiek of sportief gebied. Aan de hand van haar trainer Rudi Diels koos ze voor een traag maar gestaag stijgend pad naar de top.

Dankzij die aanpak had Gevaert alle tijd om aan de universiteit van Leuven haar studie logopedie af te ronden. Diels: „Haar vooruitgang is geen toeval, maar de bevestiging van de voorbije jaren. Kim heeft zelden bokkensprongen gemaakt. Vooral op de 200 meter heeft ze op wereldniveau nu de stap van subtop naar top gezet. Ze zit nog niet aan haar limiet.”

Vier jaar geleden won Gevaert in München zilver op de 100 en 200 meter. De Griekse Thanou, die haar op de 200 meter versloeg, ontbreekt nu wegens een dopingschorsing bij de EK.

De anders zo beschaafde Gevaert wekte vorig jaar de woede op van Charles Wells, de manager van de onder vuur liggende meervoudig olympisch kampioene Marion Jones. „Ik sprint liever niet tegen valsspelers als Thanou en Jones”, had Gevaert verklaard.

Voor de Belgen vormt Gevaert een baken van puurheid in een verdorven sport. Trots werd deze week na de 100 meterfinale in een Belgische krant gemeld dat Gevaert the usual suspects uit Wit-Rusland en Rusland had verslagen.

Hoge snelheden en winnen, het heeft voor Gevaert te maken met het overwinnen van spanning. In Humo zei ze aan de vooravond van de EK: „Winnen is zo overweldigend dat je er bang van wordt.” Eerder vergeleek ze de spanning van de sprint met de sensatie van een achtbaan. „Dan ben ik gefinisht, en wil ik de wedstrijd nog eens overdoen. Zoals een attractie in een pretpark die je eerst niet aandurft vanwege nervositeit.”

mailIcon print |