Elk jaar verbaas ik me meer over de gemiddelde vakantieganger die ik aan mijn chronisch ziekbed ontmoet. Waar ik hoop op ervaringsverhalen over stadjes, de gewoonten van een land, de rust die je weer terugbrengt bij jezelf, krijg ik vooral te horen: ik ben zo moe, alweer aan vakantie toe.
Veel mensen vragen, als ze weer thuis zijn aan mij: ,,Heb jij nog iets om naar uit te kijken?’’ ,,Ja’’, antwoord ik dan, ,,ik kijk uit naar vandaag. Bouw elke dag een stukje vakantie in.’’ En krijg dan bijna altijd te horen: ,,Is dat alles?’’ Ja, dat is alles. Meer dan genoeg om me elke dag opnieuw te laten verrassen.
Wie het hele jaar onderweg is, lijkt als het op ontspannen aankomt niet altijd meer stil te kunnen staan bij wat wezenlijk is.
Ja, ik weet het zeker: al zou ik dolgraag kunnen gaan en staan waar ik wil, de doorgeslagen vakantiecultuur van velen benijd ik geenszins.
Lexmond C. van Reeuwijk
Al in de jaren tachtig publiceerde de toenmalige Raad voor Natuurbeheer
het rapport ’Gaan we te ver?’, en concludeerde dat de groeiende trend van vakanties per vliegtuig naar steeds verder weg gelegen bestemmingen, grote gevolgen voor het milieu zal hebben. Deze mondiale trend naar schaalvergroting is sindsdien alleen maar sterker geworden.
Wie zijn jaarlijkse bus- of treinreis naar de Alpen of Frankrijk verruilt voor een vliegreis naar Azië, draagt met zijn vakantie maar liefst dertig keer meer bij aan klimaatverandering. Kies je voor Australië, dan loopt dat op tot wel tachtig keer, ofwel de helft van wat een gemiddelde Nederlander voor alle andere activiteiten per jaar de lucht in brengt.
Ongeveer 80 procent van de vliegkilometers wordt gemaakt door slechts 20 procent van de toeristen, de ’hypermobielen’. Een deel van hen vliegt tientallen keren per jaar, op de vleugels van bijna gratis tickets.
We kunnen gerust spreken van een verslaving. Een verslaving die ten koste gaat van het milieu en maar weinig bijdraagt aan geluk of welzijn vergeleken met de normaal mobielen. Verslaafden zijn niet voor rede vatbaar. Juist omdat Antarctica smelt, besluiten de cynische ’ware’ reizigers zo snel mogelijk een reis die kant uit te boeken, waardoor hun toch al grote bijdrage aan de opwarming nog verder toeneemt. De discussies over Schiphol blijven echter beperkt tot geluidhinder en hoe de capaciteit verder te vergroten.
Ede Paul Peeters, lector NHTV Internationale Hogeschool Breda
’Zoekt in den vreemde niet wat het eigen land u biedt’ is een oud gezegde, met een zeer actuele zeggingskracht. Terwijl ons eigen land zoveel prachtige plekjes kent, kiezen velen ervoor om hun schaarse vrije tijd aan volgepropte stranden door te brengen en te verbranden in de hete zon. Is het eigen land, is de eigen tuin soms niet mooi genoeg? Ik word al moe als ik die dikke vakantiegidsen zie. De ene vakantiebestemming is nog avontuurlijker dan de andere. De zaterdagse kranten staan ook al bol van de vakantieadvertenties. Alsof je niet meetelt als je niet een of ander ver exotisch vakantieoord hebt bezocht.
Ik blijf het liefste thuis, heerlijk in de eigen tuin met een spannend boek en een kopje thee. En als ik dan toch wegga, maak ik graag een fijne fietstocht door de Achterhoek.
Rekken Henk Sieben
Door de hoge werkdruk ontstaan veel extra vrije dagen ( door overwerk ), die structueel zijn, omdat dit jaar op jaar zo gaat. Vele bedrijven blijken hier niet goed mee om te kunnen gaan. Want een werkgever moet dit niet laten gebeuren. Misschien door uitbetaling, maar in ieder geval moet men hier met z’n ondernemingsraad en z’n personeel afspraken over maken. Ook zou de leiding van een bedrijf of instelling het als een maatschappelijke plicht moeten zien, sturend op te treden als het gaat over vrije dagen en vakantie. De regels om dat te kunnen doen, staan al in elke cao. We moeten leren die ook te hanteren, ten behoeve van de klant en de eigen werknemers. Want als door zulke maatregelen er een goede spreiding van vakanties ín de bedrijven ontstaat, neemt ook de werkdruk af en is men geen speelbal meer van ’altijd maar druk-druk-druk’.
Leeuwarden J.M. Hart
Dit was de laatste vraag van Willem Breedveld vóór de zomer. In september hervat hij zijn wekelijkse vraag aan de lezers.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.