De frustratie van een tv-columnist
Het WK nadert zijn ontknoping, maar veel vreugde heeft het niet gebracht. Ik doel niet eens op de smadelijke uitschakeling van Oranje, want die wedstrijd tegen Portugal was – in de woorden van een BBC-commentator – ,,dramatic, unforgetable and highly enjoyable in a rather macabre way.”
Ik doel op het lot van al die andere elftallen waarop je je sympathie had laten vallen: de Spanjaarden, vanwege hun schitterende spel tegen de Oekraïne, de Ghanezen, de Australiërs natuurlijk, en ja, ook de Argentijnen, vooral om de eredienst die ze samen met de Mexicanen voor de voetbalgod celebreerden.
Ze liggen er allemaal uit. En bij iedere uitschakeling zat ik tandenknarsend voor de buis een zoveelste teleurstelling te verwerken. Ik bedoel, als kijker investeer je een hoop van je tijd, je energie en je verbeeldingskracht in zo’n toernooi en dan mag je verwachten daarvoor iets terug te krijgen. En dan krijg je: Italië, Portugal, Frankrijk, Duitsland.
Doodgewone vakantielanden met ANWB-steunpunten.
Maar goed, ook pijnlijke zaken moeten hier aan de orde komen, dus laten we het deprimerende groepje halve finalisten nog maar even tegen het licht houden. Italië heeft mijn afkeer vanwege Materazzi en de sluipschutterige wijze waarop ze de Socceroos elimineerden. Portugal, wat moeten we over Portugal nog zeggen, behalve dat ze elke tegenstander (arme, domme Rooney) het bloed onder de nagels vandaan sarren? Voor Frankrijk kan ik bij alle voetbalkunst weinig warmte ondervinden, al zijn de oeroude Franse spelers tijdens dit WK uit hun graf herrezen. Zo’n Zidane, met dat karkasserige hoofd en die grote zwachtel om zijn dij - dat is toch meer een hoofdrolspeler uit ’The mummy strikes back’ dan een charismatisch voetbalgenie? Maar het meeste pijn, ik geef het in al mijn kleinheid toe, het meeste pijn doet toch de triomftocht van de Duitsers. En alles wat ik hieronder nog ga schrijven is uitdrukking van mijn kleinheid en frustratie.
Maar ik hoop op uw oprechte medeleven.
De Duitsers zijn er bijna altijd op een raadselachtige wijze goed in de tegenstander slecht te laten spelen. Het zijn ontregelaars, afbrekers, ze zuigen de schoonheid uit het spel. Riquelme bracht niet een fijnzinnig steekpassje tot stand en de briljante coach Pekerman werd door ’Sieg! Sieg! Sieg!’ bulderende massa’s op de tribune gereduceerd tot een laffe angsthaas omdat hij na de Argentijnse voorsprong verzuimde Messi te brengen en Riquelme voor een defensieve middenvelder wisselde. ,,Es ist ein Spiel des Willens,” riep de Duitse tv-commentator in de heksenketel van het Berlijnse Olympia-stadion, ,,Und Friedrich marchiert auf rechts mit! Ballááááck – Schussposition!” Hij bleef de lof zingen van de ’beeindruckende Fitnesszustand’ van de Duitsers – ,,wie frisch die noch sind!” – zodat we in ieder geval alvast de wereldkampioen frisheid in actie hebben gezien. ,,Und Klinsmann treibt sie an. Er sagt: forrücken, weitermarchieren!”
Ja, flauw hoor, om nog eens met Riefensthal en de oorlog aan te komen. Maar kijk dan eens goed. Ze doen er zelf aan mee. Ik zag, vlak voor Duitsland-Argentinië, op het ZDF nog deze reclame voor een ernergieleverancier. Beckenbauer inspecteert een elftal en tikt een van de spelers even bemoedigend tegen de wang.
Ja, de Duitsers kennen hun iconografie.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.