Het Westen is blij, want de Afghaanse bekeerling Abdul Rahman wordt niet ter dood gebracht. Hij blijkt een psychiatrisch geval en kan daarom voor zijn dwaling niet worden berecht. Ze zijn in Afghanistan kennelijk even handig in het oplossen van netelige politieke kwesties als bij ons. Maar mijn bodyguard in Kaboel haalde zijn schouders op. ,,He's a dead man walking“, constateerde hij. En mijn Afghaanse chauffeur, een voormalige strijder voor krijgsheer Massoud met oorlogservaring vanaf zijn veertiende, beaamde dat volledig: “Zijn stam doodt hem wel. Want zo'n overloper kun je niet tolereren. Toch?“
In het vliegtuig naar huis kreeg ik een Volkskrant onder ogen. “Ik voel me belazerd“, zegt GroenLinks-kamerlid Karimi daarin. Want ze vraagt nu al wekenlang naar het lot van twee Afghanen die tijdens een schietpartij gewond zouden zijn geraakt. En minister Kamp wil maar niet antwoorden. Mijn bodyguard, samen met mij op weg naar vrouw en kinderen in Europa, haalde weer zijn schouders op: “Geef in het zuiden nooit een waarschuwingsschot, want dan denken ze dat je niet kunt schieten“.
Afghanistan werkt vervreemdend. Wij maken ons hier druk om zaken die daar geen onderwerp van gesprek zijn. Logisch, want het zijn gescheiden werelden. In Kaboel vinden er dagelijks aanslagen plaats, wordt elke dag gevochten, kun je als westerling maar beter niet alleen over straat, is het hotel nog steeds omgeven door mijnenvelden en het is er, ondanks de enorme bouwactiviteiten, een verpletterende puinhoop.
Maar het er is heilig vergeleken bij het zuiden, waar de centrale regering geen zeggenschap heeft, Talibaan, Al-Kaida, krijgsheren en ordinaire criminelen de dienst uitmaken en door de papaverteelt met elkaar zijn verbonden. Dan zijn er de hechte stammen, die argwanend staan ten opzichte van alles en iedereen die buitenstaander is. En door het harde Amerikaanse optreden en de Europese cartoonaffaire richt de haat zich steeds meer op westerlingen.
Mijn bodyguard, weinig spraakzaam, maar steeds to the point, constateerde: “In Kaboel kidnappen ze voor losgeld; in het zuiden om een punt te maken“. Klopt. In het zuiden snijden ze de kelen van westerlingen door om duidelijk te maken dat ze moeten oprotten. Hoe zet je je boodschap kracht bij? Eerder deze maand vermoordde de Taliban op gruwelijke wijze vier medewerkers van Ecolog in Helmand, de buurprovincie van Uruzgan. Daarna werden hun lichamen langs de kant van de weg gelegd. Om hun repatriëring te bemoeilijken waren ze omgeven door mijnen en explosieven die van een afstand tot ontploffing konden worden gebracht. Ze zijn dus ook goed in psychologische oorlogsvoering. Mijn bodyguard kon het weten, want hij had het van nabij meegemaakt.
De stabilisatiemacht Isaf, de Amerikanen van de anti-terreuroperatie Enduring Freedom en Dyncorp, de particuliere papaveruitroeiers van de Amerikaanse Drugs Enforcement Agency: het is voor de zuiderlingen één pot nat. Mijn vele gesprekspartners vroegen zich vrijwel unaniem af of Isaf de kazerne wel kan verlaten.
Het is niet de eerste keer dat ik in dergelijke gebieden kom, maar elke keer vraag ik mij af of politici en militairen mentaal tegen dit soort situaties zijn opgewassen. Zeker, onze militairen worden uitstekend opgeleid en getraind. Ze zijn zonder twijfel gemotiveerd. Maar toch blijft het een wereld van verschil met bijvoorbeeld de broer van mijn Afghaanse chauffeur, die op negenjarige leeftijd thee schonk voor de Russische bezetters om vervolgens bommen onder hun auto's te plaatsen. Of, zoals een Afghaans parlementslid het uitdrukte: “Er heerst hier een cultuur van oorlog en wetteloosheid“. En deze cultuur verklaart waarom de gemiddelde Afghaan weinig begrijpt van de jammerklachten van Karimi. Gewond? Niks aan de hand! Dood? Pech gehad!
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.