*

 

’Ottomanen’ terug naar Libanon

door Iris Ludeker − 05/09/06, 00:00

Het Turkse parlement beslist vandaag of het militairen naar Libanon stuurt. Turken vrezen voor de neutrale status van hun land.

Alles wijst erop dat Turkije daadwerkelijk besluit om 500 tot 1000 manschappen naar Libanon te sturen. Die zullen daar onderdeel uitmaken van de VN-macht die Israël en Hezbollah uit elkaar moet houden. Het kabinet van premier Erdogan is vóór, en zijn islamistische AK-partij heeft een ruime meerderheid in het parlement.

Zonder slag of stoot kwam Erdogan niet tot zijn besluit. Vooral president Sezer maakte het hem moeilijk door zich enkele weken geleden expliciet tegen een troepenzending te keren. „Het is niet onze verantwoordelijkheid om de belangen van andere landen te beschermen”, aldus de president.

Sezer heeft weliswaar niets te zeggen over een troepenbesluit, maar met zijn statuur drukte hij een stevig stempel op het debat. De Turkse bevolking staat bovendien bepaald niet te springen om troepen uit te zenden. Uit (overigens niet geheel representatieve) internetenquêtes van verschillende Turkse kranten blijkt dat tussen de 70 en 85 procent van hun lezers tégen is.

Maar Erdogan weet dat de ogen van de wereld op hem gericht zijn. De VN-resolutie die voorzag in een versterken van de troepenmacht in Libanon was nog niet getekend of veel westerse landen drongen erop aan dat Turkije (veel) troepen zou leveren. Als westers-geörienteerd ’moslimland’ zou het de indruk kunnen wegnemen dat de VN-missie een puur Europese of westerse aangelegenheid is.

Erdogan zet zich dus schrap. „Als we onze deuren sluiten, kunnen we niet ontsnappen aan de vlammen die ons omringen”, stelde hij. Ook ziet hij voor Turkije een ’historische plicht’ weggelegd. Libanon maakte tot begin vorige eeuw deel uit van het Ottomaanse Rijk, voorloper van het huidige Turkije. „Het zou verraad zijn tegenover ons verleden (...) om weg te blijven”, aldus Erdogan.

Dat ’neo-Ottomanisme’ van de AK-partij verontrust sommigen. Bovendien vrezen vooral Turken uit de nationalistisch-seculiere traditie voor het islamistische gehalte van de regering. Soner Cagaptay, analist van de Amerikaanse denktank Winep, waarschuwde in de Jerusalem Post bijvoorbeeld voor het risico dat de Turkse troepen onder druk van de AK-partij voor Hezbollah kiezen.

Toch zijn er meer aanwijzingen dat de Turkse regering juist als de dood is dat het partij moet kiezen. Erdogan maakte dit weekeinde al duidelijk dat de Turkse militairen in Libanon niet van plan zijn Hezbollah te ontwapenen. Als dat toch de bedoeling zou blijken, zijn de Turken zo weer verdwenen.

Voor Turkije staat er heel wat op het spel. Het land heeft als een van de weinige landen met een overwegend islamitische bevolking al decennialang een goede relatie met Israël. Anderzijds zijn de banden met buurlanden Syrië en Iran, door toedoen van de regering-Erdogan, de afgelopen jaren flink aangehaald.

De positie van ’neutrale’ factor loopt gevaar als de Turken zich straks aan het ’front’ melden. Erdogan zal al zijn balanseerkunsten nodig hebben om dat precaire Turkse evenwicht te behouden.

mailIcon print |