*

 

De elite handelde haar zaakjes altijd zonder de burger af. Dat zal eindelijk moeten veranderen.

Willem Breedveld − 11/10/06, 00:00

Hoe herstel je vertrouwen? Sinds de revolte van Fortuyn in 2002 zijn we erin gaan geloven dat dit alleen maar mogelijk is door een keihard integratiebeleid te voeren en te hameren op onze normen en waarden, door asielzoekers rigide tegemoet te treden, de verzorgingsstaat stevig te vertimmeren en ten slotte door de aanval in te zetten op de collectieve sector en zijn bureaucratisch samengesteld apparaat.

Ogenschijnlijk heeft het ook geholpen. De verhitte debatten over hoofddoekjes, islamitische scholen en imams die weigeren de hand van vrouwen te schudden zijn tot bedaren gekomen. De hervormingen van de verzorgingsstaat lijken het herstel van de economie in de hand te hebben gewerkt en in hun verkiezingsprogramma’s beloven de drie grote politieke partijen plechtig ook het laatste punt van de Fortuyn-agenda ter hand te zullen nemen: de aanval op de collectieve sector. Vol vertrouwen blikken Bos en Balkenende de kiezer daarom in de ogen: maak één van ons premier en Nederland is weer helemaal oké.

Zo gerust ben ik er echter niet op. De commotie die minister Donner veroorzaakte met zijn theoretische exercitie over een mogelijke sjariastaat, wijst erop dat het integratiedebat nog lang niet tot bedaren is gekomen. Wie daaraan twijfelt, verwijs ik graag naar het debat over wat inmiddels wordt genoemd de Armeense kwestie. Dat debat laat niet alleen zien dat er voor de Turkse gemeenschap nog een lange weg te gaan is, het bewijst ook dat er van onze kant geen enkele ruimte bestaat voor afwijkingen van de correct geachte visie. Het woord genocide werd in ijltempo verheven tot een toetssteen. Daarbij vergetend dat we zodoende ongeveer de hele wereld veroordelen, de Amerikanen met hun Indianen, de Russen, de Chinezen en niet te vergeten onszelf met onze eufemistische omschreven excessen in het voormalige Nederlands-Indië.

Voor herstel van vertrouwen zal dus meer nodig zijn. Tot mijn genoegen zag ik dat de Nationale Conventie daarvoor vorige week een paar zinnige voorstellen heeft gedaan, zonder dat we de Grondwet overhoop hoeven te halen, want dat lukt meestal toch nooit. Eigenlijk draait het nog niet eens om die voorstellen, als wel om dat ene zinnetje dat zegt: „Politiek kun je maken”. In het verlengde daarvan pleit de conventie in de eerste plaats voor een eerherstel van het burgerschap, als basis van onze democratie. Om vervolgens vast te stellen dat daar ook een zelfbewuste volksvertegenwoordiging bij hoort, die bereid is het volk echt te vertegenwoordigen. Hoe gek het ook klinkt, dat doet het parlement niet. We kiezen straks wel een volksvertegenwoordiging maar die houdt zich vervolgens vooral bezig met besturen en regeren. Zegt de conventie. Het parlement sluit zich op in een regeerakkoord, is daar de rest van zijn termijn voortdurend mee bezig en kijkt zodoende naar binnen in plaats van naar buiten.

De oplossing om het proces om te keren is van een verrassende eenvoud. Geacht parlement. Benoem straks zelf de (in)formateur, bind die hooguit aan een paar richtlijnen hoe politieke knelpunten aangepakt moeten worden en laat die man/ vrouw vervolgens zelf een regeerprogram schrijven met zijn/haar kandidaat-ministers. Daar praten wij als parlement nog even mee, om te kijken wat voor vlees we in de kuip hebben. En dat is het dan. Zie verder maar hoe je regeert. Wij van het parlement zullen u beoordelen op uw daden, die we zullen toetsen aan datgene wat wij menen te vertegenwoordigen.

Zo simpel is het dus. En zo doeltreffend ook, want dit is de manier om het vertrouwen te herstellen, door de burger het gevoel te geven dat iets of iemand hem vertegenwoordigt. Ik heb er maar één kanttekening bij: waarom is dit nooit eerder beproefd? Het antwoord is even simpel: de elite meende haar zaakjes altijd zonder de burger af te kunnen handelen. Dat zal eindelijk eens moeten veranderen.

mailIcon print |