*

 

Fanta in plaats van fatwa, zeggen de Antiduitsen

door Antoine Verbij − 20/09/06, 00:00

Duits radicaal-links kent een heel aparte variant: tegen Duitsland, vóór George W. Bush, en vóór de inzet van het Duitse leger tegen Hezbollah.

Vertegenwoordigers van de Joodse Gemeente keken vreemd op. In de demonstratie begin augustus waarin ze hun solidariteit met Israël in de oorlog tegen Hezbollah wilden betuigen, liep een grote groep jonge anarchisten mee. Boven hun capuchons en baseballpetten zwaaiden ze met Israëlische en Amerikaanse vlaggen. Op hun spandoek stond: ’Geen vrede met de vijanden van Israël’. Hun leuzen: ’Tegen het antisemitisme’, ’Weg met Duitsland’, ’Leve het communisme!’.

De groep bestond uit zogeheten ’Antiduitsers’, een markante stroming in het links-radicale milieu zoals die alleen maar in Duitsland kan bestaan. Zij vinden dat er in de buitenlandse politiek maar één criterium geldt: het bestaansrecht van de staat Israël. Iedereen die dat bestaansrecht bedreigt, moet bestreden worden. Iedereen die Israël verdedigt, verdient steun, ook al heet hij George Bush. Duitsland heeft immers, vinden de Antiduitsers, een historische schuld af te lossen.

Tegelijk koesteren zij een diep wantrouwen tegen Duitsland, dat volgens hen is gebouwd op antisemitische fundamenten met als logisch gevolg de holocaust.

Het probleem is nu dat de Israëlische premier Ehoed Olmert Duitsland een van Israëls beste vrienden heeft genoemd en bondskanselier Merkel zelfs persoonlijk verzocht heeft om aan de VN-missie in Libanon deel te nemen. Vandaag neemt het Duitse parlement een beslissing over de inzet van het leger. De Antiduitsers twijfelen. Moet Duitsland troepen sturen omdat het om het bestaan van Israël gaat? Of doet Duitsland alleen maar mee om zijn belangen in de Arabische wereld veilig te stellen? Ze neigen tot de opvatting dat Duitsland toch maar troepen moet sturen. Maar dan ook échte troepen, die Hezbollah met wapens te lijf gaan.

De Antiduitsers manifesteerden zich voor het eerst ten tijde van de Duitse hereniging in 1990. Toen gingen linkse radicalen met Groenen en ex-communisten van de PDS de straat op: zij vreesden dat Duitsland na de hereniging weer groot, machtig en gevaarlijk zou worden. ’Nooit meer Duitsland’, stond op hun spandoek. Dat zijn de gevleugelde woorden van de Duitse diva Marlene Dietrich, die vóór de oorlog haar land had verlaten en na de oorlog nooit meer terug wilde.

De Groenen en de PDS zijn na de hereniging volledig geïntegreerd in de parlementaire democratie. De buitenparlementaire oppositie maakte daarentegen de ene crisis na de andere door. Pogingen om alle autonomen, antifascisten, ware communisten en anti-imperialisten te verenigen, mislukten. Ze traden alleen gezamenlijk op wanneer slag moest worden geleverd met de neo-nazi’s in het oosten van Duitsland.

De Antiduitsers speelden steeds de rol van provocerende scheurmakers. Toen in 1995 werd herdacht dat de oorlog een halve eeuw daarvóór was geëindigd, riepen ze de Engelsen op om Duitsland opnieuw te bombarderen.

Na de aanslagen van 11 september 2001 zagen de Antiduitsers de radicale islam tot een nieuwe holocaust in staat en kozen partij voor de VS (’Fanta in plaats van fatwa’). ,,Dat ging veel links-radicalen, voor wie Amerika de natuurlijke vijand was, te ver’’, vertelt Anton Landgraf, Antiduitser van het eerste uur. „De ruzies liepen hoog op, vrienden gingen uit elkaar, woongroepen explodeerden.’’

Er bleef een kleine, harde kern van Antiduitsers over. Die zijn nu misschien wel de merkwaardigste vrienden van Bush, Olmert en, met enige aarzeling, Angela Merkel.

mailIcon print |