In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen belicht Trouw problemen in de vier grote steden. Deel 1: Utrecht probeert naoorlogse wijken leefbaarder te maken.
De recente gasexplosie in een leegstaande drogisterij in winkelcentrum Overkapel heeft in elk geval één voordeel, lacht Annelies. De hangjongeren die daar altijd stonden, zien we niet meer. Ze willen blijkbaar snel kunnen wegrennen en dat kan met die bouwhekken niet.
Een Nederlandse en twee Marokkaanse jongens lopen opgewonden pratend door het winkelcentrum. Om de paar stappen spuugt een van de jongens tussen zijn tanden door op de grond en kijkt uitdagend om zich heen.
Annelies - 'mijn voornaam is voldoende' - is pas verhuisd van de wijk Overvecht naar Voordorp. Ze heeft haar best gedaan, maar kon het niet meer aanzien hoe Nederlandse probleemgezinnen medebewoners van haar appartementengebouw terroriseerden. Er was niet met die mensen te praten. Ze hebben mijn vriend zelfs bedreigd. Uit het gebouw zijn inmiddels 'heel veel' bewoners van het eerste uur vertrokken naar andere wijken of de stad uit.
De wijk Overvecht heeft geen beste naam in en buiten Utrecht. De ruime en groene opzet legt het af tegen de anonieme flats van tien hoog die hier domineren. Maar liefst tachtig procent van de ruim 14000 woningen valt in de categorie goedkope sociale huur. Daardoor is de wijk aantrekkelijk voor mensen met een laag inkomen of een uitkering. In het winkelcentrum Overkapel doen de Aldi- en Jumbo-supermarkt goede zaken. De Witte Markthal houdt leegverkoop.
Van de ruim 30000 inwoners is bijna de helft van niet-Nederlandse afkomst, vooral Turks en Marokkaans. In de jaren zestig van de vorige eeuw was Overvecht als nieuwbouwwijk een gewilde plek. Dick de Soeten, voorzitter van het bewonersplatform Overvecht: Toen wij hier in 1969 kwamen wonen, hadden we een officier van justitie en een huisarts als buren. Mensen waren dolblij met zo'n ruim prachthuis. Overvecht was wat je noemt een wijk voor keurig nette burgergezinnetjes, van verschillend inkomensniveau. Dat is vanaf het begin van de jaren tachtig veranderd. Steeds meer mensen van niet-Nederlandse afkomst en mensen die afhankelijk zijn van een uitkering komen in Overvecht wonen.
De gemeente Utrecht en de woningcorporaties hebben twintig jaar lang lijdzaam toegezien hoe Overvecht (en ook Kanaleneiland, Hoograven en Zuilen) van samenstelling veranderde. Flatgebouwen verloederden doordat bewoners vrijwel ongehinderd vuil van de balkons konden gooien, kinderen in portieken plasten, speeltuintjes vernielden en ruiten ingooiden.
Pas in 2001 bond het nieuwe college van burgemeester en wethouders de strijd aan tegen de eenzijdige samenstelling van de naoorlogse wijken. Spreiding van - veelal allochtone - kansarme groepen was toen een brandende kwestie. Rotterdam koos ervoor om grenzen te stellen aan de instroom van kansarmen en de concentratie van migranten in bepaalde wijken tegen te gaan.
Veel te radicaal, oordeelt de Utrechtse wethouder volkshuisvesting Marie-Louise van Kleef (PvdA). In de stad zijn lage inkomens altijd oververtegenwoordigd en geconcentreerd in wijken met lage huren. In Utrecht gaan we daarom de woningvoorraad zo veranderen dat er een betere spreiding over de stad ontstaat.
Het begrip 'spreiden' is door de associatie met dwang een beetje besmet. Bestuurders spreken liever van 'verleiden': renoveer en bouw in de achterstandswijken woningen opdat mensen binnen hun eigen wijk 'wooncarrière' kunnen maken.
Wethouder Van Kleef: Veel koopkrachtige allochtone gezinnen verhuizen uit Overvecht en Kanaleneiland naar de Vinex-locatie Leidsche Rijn, maar waren vanwege de sociale contacten liever in hun eigen wijk gebleven. Dat zie je nu we op Kanaleneiland nieuwe huizen gaan bouwen.
Daarvoor hebben met name Marokkaanse gezinnen grote belangstelling.
De komende tien jaar worden in Utrecht bijna tienduizend (flat)woningen gesloopt om plaats te maken voor zesduizend koopwoningen en drieduizend sociale huurwoningen. Gemeente en corporaties proberen de leefbaarheid in de achterstandswijken ook op kortere termijn te verbeteren. Als verpaupering, vandalisme en criminaliteit aanhouden, loopt een wijk als Overvecht steeds verder leeg.
Een vijfde van de bewoners zegt te willen verhuizen. Meer dan veertig procent voelt zich wel eens onveilig in de eigen buurt. Ali, een Marokkaanse vader: Ik blijf graag hier wonen, maar als het voor mijn kinderen niet meer veilig is, gaan we weg. Dat is logisch. Het wordt in de buurt steeds donkerder. Tien jaar geleden waren we nog met twee buitenlandse gezinnen en nu met twaalf. Dat is geen goede afspiegeling van de samenleving.
In een aantal flats van tien verdiepingen was de leefbaarheid zo gedaald dat gemeente en corporaties er zijn begonnen met het selectief toewijzen van woningen. In 1998 werd het Bewonersplatform Overvecht nog door de gemeente 'weggehoond' toen het pleitte voor woningtoewijzing. Nu is het taboe doorbroken - zij het voorlopig nog op kleine schaal.
Woningzoekenden met een vast inkomen krijgen voorrang bij toewijzing van een woning in de flats. Na ruim een jaar experimenteren blijkt dat 40 procent van de vrijgekomen appartementen door 'kansrijken' worden gehuurd.
Dat valt het bewonersplatform tegen. Wij hadden gedacht dat starters zaten te springen om een betaalbaar huis, zegt voorzitter De Soeten. Inmiddels is besloten om de flats ook toe te wijzen aan alleenstaanden en mensen die een huurwoning achterlaten; de maximumleeftijd is verhoogd van 40 naar 55 jaar.
Wethouder Van Kleef vindt het experiment met woningtoewijzing 'wel aardig', maar verwacht op de lange termijn meer resultaat van renoveren, slopen en nieuw bouwen. We spreiden in Utrecht geen mensen, maar woningen.
De grootste woningcorporatie, Mitros, wil toewijzing de komende jaren op grotere schaal gaan toepassen. Van de 2500 huurwoningen die jaarlijks vrijkomen, mag de gemeente volgens de nieuwe huisvestingsverordening een derde selectief toewijzen. In Nieuwegein heeft Mitros goede ervaring met het toewijzen van flats aan gezinnen met maximaal twee kinderen. Woordvoerder Yves Vermeulen: Toewijzing is sneller en minder kostbaar dan herstructureren. We gaan er in de toekomst meer gebruik van maken.
Op de tiende verdieping van de flat aan de Sint Maartendreef geniet Jolanda Boekweit (25) van het weidse uitzicht. De avondzon beschijnt de Vleutensebrug en de Klopvaart. Boekweit, cultureel antropoloog, woont hier dankzij de voorrangsregeling sinds oktober vorig jaar met haar vriend. Een ruime flat voor 520 euro per maand, met als tegenprestatie het netjes houden van de woning en directe omgeving.
Soms vraag ik me af wat in Overvecht nou eigenlijk het probleem is. Ik vind het niet vervelend of eng om 's avonds of 's nachts alleen op stap te gaan. En ik heb nog niemand kunnen betrappen op slecht gedrag.
O ja, één keer zag ik jongens op het binnenterrein een vuurtje stoken en daarna hard weglopen. Toen heb ik uit het raam geroepen: 'Hé jongens, hou daar eens mee op'.
Na alle verhalen over Overvecht valt het me honderd procent mee.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.