Europese Navo-landen proberen te ontkomen aan de oproep meer soldaten naar Afghanistan te sturen. Want ze houden er rekening mee dat het dichter bij huis, in Kosovo, uit de hand loopt.
Vooral de Amerikanen blijven aandringen op meer Europese militairen in Afghanistan om het verwachte voorjaarsoffensief van de taliban in de kiem te smoren. „We hebben dit voorjaar de kans om de cyclus van geweld door de taliban te doorbreken”, zei de nieuwe Amerikaanse minister van defensie Robert Gates in het Spaanse Sevilla, waar de Navo-ministers van defensie bijeen waren. „Elk voorjaar zijn de taliban agressiever”, zei Gates. „We moeten de situatie meester worden om de Afghanen vertrouwen te geven dat hun regering vooruitgang boekt.”
Alleen de Amerikanen zelf en de Britten hebben enkele duizenden extra soldaten beloofd, waarmee de Navo-macht groeit tot ongeveer 35.000 militairen. Van de Europese landen wordt eenzelfde extra bijdrage verwacht. Ook is er nog een groot tekort aan vliegtuigen, vooral helikopters, om de soldaten naar brandhaarden te brengen en te evacueren.
Gewoonlijk knikken Europese ministers instemmend op Amerikaanse verzoeken, om vervolgens te zeggen dat ze niets extra’s kunnen doen. De Duitse minister van defensie verbrak die braafheid. „Toen de Russen in Afghanistan zaten, hadden ze daar honderdduizend soldaten en ze wonnen niet”, zei Franz Josef Jung. Ook zijn Franse collega zou vraagtekens hebben gezet bij de militaire analyse dat er meer soldaten nodig zijn.
Nu de spanning om Kosovo toeneemt, sturen de Europese landen hun soldaten liever niet al te ver weg. Als Servië of de Kosovaren het VN-plan voor beperkte zelfstandigheid voor Kosovo afwijzen, zou versterking van die troepenmacht nodig kunnen zijn. Nu zegt de Navo dat ze op alles in Kosovo is voorbereid. Maar in de praktijk blijken er altijd tegenvallers te zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.