*

 

’Een hard gesprek hoort erbij in de top’

Henk Hoijtink − 22/09/07, 00:00

Theo Lucius was middenvelder bij Feyenoord, en aanvoerder zelfs. Nu is hij rechtsback, maar hij zeurt niet. Hij heeft geleerd wat topsport inhoudt – hij wel.

Alles is na een rampseizoen anders bij Feyenoord, maar Theo Lucius (30) loopt nog steeds als dezelfde rond in De Kuip. „Volgens mij verander ik nooit. En als ik verander, dan zouden ze dat tegen me mogen zeggen.” De ex-PSV’er over toen en nu bij Feyenoord, volgens drie thema’s.

Over de vorig seizoen uiteindelijk opgestapte trainer Erwin Koeman.

Lucius: „Ik denk vaak aan hem. Ik zie hem wel eens bij PSV, we bellen geregeld, hij heeft dezelfde zaakwaarnemer als ik. Ik heb nog hetzelfde contact met de trainer als vorig jaar, en dat is goed. Vrienden is een groot woord, maar hij is belangrijk voor mij geweest. Hij heeft me hierheen gehaald en toen hij nog assistent was bij PSV deed ik veel met hem apart na trainingen.”

„We hebben het er dan niet over dat de huidige gang van zaken onrechtvaardig voor hem is. Ik heb onze trainer nog nooit kunnen betrappen op dat soort uitspraken. Natuurlijk zal hij van binnen denken: had ik deze groep maar gehad. Maar zo werkt het niet altijd in de voetbalwereld. Zijn trainingen verschilden niet veel van die van Van Marwijk, de nieuwe trainer, maar de kwaliteit in de groep is enorm verbeterd.”

„Er wordt tegenwoordig te veel aan trainers opgehangen. Een trainer is afhankelijk van zijn groep. Als een goede trainer goede spelers om zich heen heeft, komen er resultaten. Zo simpel zie ik het. Je moet als trainer spelers op de juiste posities kunnen zetten en belangrijke spelers ook belangrijk maken. Maar ik zeg niet dat Koeman daarin fouten heeft gemaakt. De kwaliteit was er gewoon niet. Maar met zijn klasse en ervaring komt hij zeker wel weer ergens goed terecht.”

Over de fricties vorig seizoen tussen de ouderen, aangevoerd door de gestopte Pierre van Hooijdonk, en de jongeren, voor wie het talent Jonathan de Guzman model stond.

„Ik heb het ook bij PSV meegemaakt, met Ronald Waterreus. Ik weet zeker dat veel jongens blij waren dat hij wegging bij PSV. Er viel veel druk van ze af. Hij was heel nadrukkelijk aanwezig. Nu weet ik zeker dat velen een stuk gelukkiger zijn nu Van Hooijdonk er niet meer is. Maar hij had altijd het beste voor met iedereen en met de club.”

„Het hoort in de top thuis. In mijn eerste jaar bij PSV had ik ook moeite met Waterreus. Totdat ik bij hem op de kamer kwam. Ik leerde hem kennen en ik begreep waarom hij iets zei. Van hem leerde ik wat topsport inhoudt, de wil om te winnen. Het kan er niet altijd vriendschappelijk aan toe gaan. Hij was niet altijd even slim. Dat beseft hij nu ook wel, las ik laatst van hem. En toch: de dingen die hij en Pierre zeiden, moeten worden gezegd. Ik houd er wel van.”

„Waterreus keek er niet naar of je jong of oud was. Hij had een keer slaande ruzie met Kezman in de rust. Als zoiets hier vorig jaar zou zijn gebeurd, had het doorgesmeuld. Aan meningsverschillen werd te zwaar getild. Maar bij PSV was het gebeurd, en klaar. Op de volgende training werd het uitgesproken en daarna stonden ze er weer met z’n tweeën.”

„Als je zelf ook ouder wordt, begrijp je jongens als Waterreus en Van Hooijdonk. Plotseling roep je zelf vergelijkbare dingen. Ik heb mijn ervaringen met Waterreus wel aan De Guzman verteld. Nu gaat alles weer goed met hem. Hij krijgt vertrouwen van de trainer, maar dat kreeg hij vorig jaar ook. Vraag hem er over vier of vijf jaar naar en hij zal zeggen dat hij veel heeft geleerd van wat Pierre zei. Dat weet ik zeker. Ze zijn nog te jong om dat nu al te beseffen.”

Over het nieuwe Feyenoord van trainer Van Marwijk, waarin hij rechtsback is – geen middenvelder en geen aanvoerder meer.

„Als een van de eersten had ik een gesprek met de nieuwe trainer. Ik begrijp dat ik geen aanvoerder meer ben. Ook ik vond het typerend voor Feyenoord dat vorig seizoen een nieuwe speler, nota bene van PSV, aanvoerder werd. Ik vind het geen degradatie om rechtsback te spelen. Iedereen onderschat die plek. De vier achterin zijn heel belangrijk voor een elftal. Het is niet zo moeilijk, maar bij Oranje wordt het moeilijk gemáákt. Je moet vaste backs hebben, waar je geen omkijken naar hebt. Die heb je, maar er wordt steeds geschoven. Als ik De Cler als linksback zie spelen – die kan je toch elke wedstrijd opstellen?”

„De dingen worden nu bij Feyenoord door de ouderen echt niet zoveel anders gezegd dan Van Hooijdonk het deed. Maar er is respect, ook misschien omdat ze met meerderen zijn en omdat ze met een staat van dienst zijn binnengekomen. Er wordt iets gezegd, klaar, verder. Maar dat respect had er voor Van Hooijdonk ook moeten zijn.”

mailIcon print |