*

 

Lincolns opvolger

Frank Kools − 19/01/07, 00:00

Kort na zijn beëdiging als Amerikaanse senator, twee jaar geleden, vroeg de zesjarige Malia plots aan haar vader Barack Obama: „Ga je proberen president te worden? Moet je dan niet eerst vice-president zijn?”

Tv-camera’s legden vast hoe Malia giechelde, terwijl ze haar vraag stelde. Het leek op dat moment een onschuldige kindervraag. Maar sinds Obama deze week de eerste stap naar de campagne van 2008 zette, werd die kindervraag plots hét vraagteken boven zijn hoofd. Moet de Democraat, die amper twee jaar in de landelijke politiek zit, niet eerst meer ervaring opdoen voor hij naar het Witte Huis kan dingen?

Het besluit van de Democraat om een comité op te richten dat zijn kansen in 2008 gaat onderzoeken verplicht hem tot niets. Hij kan hierdoor alvast geld ophalen en een campagneteam samenstellen, zonder dat hij zich officieel kandidaat heet. Hij kan zich nog terugtrekken.

Maar de kans dat de zwarte politicus dat doet, lijkt klein. De datum en plaats waarop hij zich echt officieel meldt voor 2008 staan al vast: 10 februari, niet in Obama’s woonplaats Chicago, maar in Springfield, hoofdstad van de staat Illinois.

Springfield is gekozen omdat zij Abraham Lincolns stad is, de president die Amerika bijeenhield in de Burgeroorlog en die de slavernij afschafte. Net als Obama zat de 16de president in het parlement van Springfield voor hij naar Washington ging. Na twee jaar daar zetelde hij in het Witte Huis.

Als Lincoln met ervaring in Springfield en twee jaar Washington een van de allerbeste presidenten kon worden, dan is Obama met dezelfde achtergrond ook geschikt voor het hoogste ambt, wordt de boodschap.

De man die Amerika’s eerste zwarte president hoopt te worden, heeft nog een reden om zich met Lincoln te vergelijken. Ook hij wil een verscheurd land verenigen. Als 45-jarige (geboren 1961) zegt Obama vrij te zijn van ,,het psychodrama van de babyboomers’’ en de cultuurstrijd die in de jaren zestig begon en die Amerika’s politiek vergiftigt.

Zijn welbespraakte oproep tot eensgezindheid op de Democratische conventie van 2004 maakte hem in één klap tot een ster. Sindsdien hamerde hij met succes op dat thema bij bezoeken aan de staten, die in 2008 als eerste stemmen. Het is meteen een uithaal naar Hillary Clinton, de Democrate die in alle peilingen leidt. Zij is wel een babyboomer en een mikpunt van haat.

Om te bewijzen dat hij breuklijnen kan overstijgen wijst Obama op zijn biografie. Hij is door zijn vader, die uit Kenia komt, een echt immigrantenkind. Dankzij zijn moeder uit Kansas is hij tevens een kind uit het conservatieve hartland. De twee ontmoetten elkaar op de universiteit. Zijn ouders scheidden toen hij twee was. Pa ging terug naar Kenia.

Obama is zwart (vader) en blank (moeder). Hij is een Democraat, maar wel eentje die met gemak over zijn christelijk geloof praat. Hij is serieus, maar heeft ook gevoel voor humor. Daarnaast heeft hij charisma en een fluwelen stem. Hij kreeg een Grammy voor het inspreken van de audioversie van zijn autobiografie.

Hij is momenteel zozeer de lieveling van de pers, dat een commentator hem al Obambi noemde. Maar de senator weet dat de hype niet blijft duren. Snel gaan de journalisten en zijn tegenstanders op zoek naar lijken in zijn kast.

Om hen voor te zijn, meldt Obama zelf vast dat in zijn jeugd hasj en cocaïne gebruikte en socialistische bijeenkomsten bezocht. Hij overwon zijn demonen, werd straatwerker, studeerde af aan de prestigieuze Harvard-universiteit, werd advocaat, hoogleraar en ten slotte politicus. In Harvard ontmoette hij vrouw Michelle, met wie hij naast Malia ook dochter Sasha heeft.

Maar de eerste vervelende verhalen zijn al daar. Waarom nam hij geld aan en deed hij zaken met een man, die vervolgd wordt voor het omkopen van politici in Chicago? Ik maakte een grote inschattingsfout, erkende Obama.

Commentatoren beginnen te schrijven dat hij in de Senaat niets van belang heeft gedaan. Rechtse websites maken ophef over zijn tweede naam, Hoessein (als in Saddam Hoessein?).

Onder zwarten bestaat er veel argwaan. Die zien Obama niet als een van hen, omdat hij niet afstamt van slaven. Hij is ook geen gettokind. Hij groeide op in Indonesië (bij zijn stiefvader) en daarna op Hawaï bij zijn blanke grootouders. Die deden hem op een dure privéschool. Hij is de troetelpoliticus van blanken, klinkt het in zwarte kring.

Ook op dat punt moet Lincoln Obama helpen. Door zich straks kandidaat te stellen in zijn stad wil hij tonen dat het slavernijverleden ook voor hem relevant is.

mailIcon print |