Assyriërs willen hun eigen provincie in Irak. Niet om het land versneld op te delen, maar juist om dat tegen te gaan, bezweren ze.
De Iraakse grondwet maakt het al mogelijk, dat minderheden een eigen gebied krijgen met een eigen bestuur, zegt Michael Youash, die in Washington lobbyt voor de Assyrische zaak. Meer concreet: voor een veilig gebied voor de christenen in Irak. En waar kan dat beter dan in de provincie Nineveh, de bakermat van het historische Assyrische rijk. En meer exact de Nineveh Vallei, tussen de rivieren Tigris en Grote Zab, waar al veel christelijke dorpen zijn.
In totaal ontvluchtten sinds maart 2003 tussen de 800.000 en een miljoen christenen het geweld en de discriminatie in Bagdad, Basra en Mosoel. Assyriërs, Chaldeeërs, Armeens- en Grieks-orthodoxen, om een paar groepen te noemen. Ze trokken naar Noord-Irak en naar de buurlanden. „Je kunt ons plan zien als een oplossing voor het migratieprobleem”, stelt Youash daarom telefonisch vanuit Washington.
Hij is directeur van het Iraq Sustainable Democracy Project, dat in Bagdad, Washington en Brussel steun zoekt voor het plan. Want om het te laten slagen, is hulp nodig. Anders kunnen de duizenden christenen die Irak de rug toekeerden, niet terugkeren uit Syrië en Jordanië. „We proberen de VN te overtuigen dat herhuisvesting hier mogelijk is, en de Amerikanen en Europeanen dat ze dit soort programma’s moeten financieren.”
Veel Assyrische en Chaldese christenen zijn al om, zegt hij. „Mensen stemmen met hun voeten. Duizenden ontheemde families zijn al naar het gebied getrokken. Het is het land van hun voorvaders, waaruit hun vaders zijn verjaagd tijdens Saddams arabisering.”
Ook politiek lijkt er geen probleem. De Iraakse premier Al-Maliki en de minister van buitenlandse zaken Zebari zijn vóór, en ook in de Koerdische regio is veel steun. Daar gaan stemmen op om het gebied dan onder die autonome regio te laten vallen, maar daar is Youash niet onmiddellijk voor. „Want dan zouden we meewerken aan een verdere opdeling van Irak, en dat willen we niet. Irak moet multicultureel blijven. Door de geografische ligging vormt de vallei juist een buffer tussen de Koerden en de Arabieren, en daardoor kunnen christenen een samenbindende rol spelen.”
De provincie Nineveh zelf is een smeltkroes van geloven en volkeren. Het merendeel is er soennitisch en Arabisch, met christelijke, jazidische, sjiitische, Turkmeense en Koerdische minderheden. Maar in de Vallei van Nineveh vormen de christenen, jazidi’s en sjiieten met negentig procent de meerderheid, stelt Youash. Die groepen kozen hier al een eigen bestuur, met een sjiitische voorzitter, en hebben een eigen ordedienst die de veiligheid garandeert.
Daarom ziet Youash het ook niet als een gevaar om zoveel christenen op een kluitje bijeen te brengen, wat aanslagen zou kunnen uitlokken. De regio is nu een van de veiligste van Irak, en hij verwacht geen verandering. „Iedere provincie heeft recht op een eigen politiemacht, en de christenen hebben al hun eigen bewapende milities”.
Youash benadrukt dat er een goede samenwerking is tussen de verschillende groepen, maar erkent dat de toevloed van vele duizenden christenen daar gevolgen voor kan hebben. En dat de Arabieren die Saddam beloonde met grond in Nineveh, zich bedreigd kunnen gaan voelen. „Dat heb je overal in Irak. Inderdaad, er moet een systeem komen waardoor de minderheden zich niet gediscrimineerd voelen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.