Sinds 1 januari heeft de Europese Unie er drie officiële talen bij. En er zitten er nog meer in de wachtkamer.
Het aantal talen in de EU groeit de laatste jaren snel. Met de toetreding van Roemenië en Bulgarije werden Bulgaars en Roemeens de 21ste en 22ste officiële taal. De derde die ’Brussel’ er sinds deze maand bij heeft, is het Gaelic, ofwel Iers. EU-wetgeving moet in het Iers vertaald worden, Ierse afgevaardigden mogen Iers spreken, en bij elke bijeenkomst mag de Ierse delegatie eisen dat er Ierse tolken aanwezig zijn. Veel Iers wordt er overigens nog niet gesproken in de gebouwen van de EU. Er is dan ook maar één lid van het Europees Parlement dat de taal vloeiend spreekt.
De situatie lijkt op die in Ierland zelf. Iers is de eerste officiële taal van Ierland, maar in de praktijk is het land toch vooral Engelstalig. Seán ü Neachtain, de enige Europarlementariër met Iers als moedertaal, is van plan de tolken aan het werk te zetten. „Ik zal nu elke keer in het Iers praten in plenaire zittingen. Iers is mijn eerste taal.”
Ook ü Neachtain erkent dat er andere redenen zijn om Iers tot officiële Unie-taal te promoveren: „Taal is meer dan een communicatiemiddel. Het gaat om onze identiteit, onze nationaliteit. Het geeft bewustzijn, Iers is nu even belangrijk als de andere talen.”
De minderheidstalen in Europa zitten in hetzelfde schuitje als het Iers. Een aantal regio’s zoekt via de taal erkenning van de eigenheid of meer onafhankelijkheid. Catalaans, Galicisch en Baskisch hebben sinds kort een semi-officiële status: ze mogen gebruikt worden tijdens bijeenkomsten van de EU en in correspondentie van burgers met EU-instellingen. Sinds 2005 kunnen lidstaten dregionale talen aanmelden voor zo’n semi-officiële status. Tot nu toe heeft alleen Spanje van die mogelijkheid gebruikgemaakt. De landen draaien wel zelf voor de kosten op.
Toch zijn er meer regio’s die in aanmerking komen. En hoe meer talen de Unie telt, hoe lager de drempel wordt. Ierland is al sinds 1973 lid van de EU, maar nu er in de laatste jaren een hele reeks kleine talen bij is gekomen – Estlands, Litouws, Maltees – is de gêne om ook over het Iers te beginnen verdwenen. „Ierland heeft eerder het onderwerp niet doorgedrukt. Nu, met alle andere landen die zijn toegetreden, elk met hun eigen taal, past het om ook Iers een officiële taal te maken”, vindt ü Neachtain.
Iets voor het Fries misschien? „Waarom niet?” vindt Johannes Kramer van de Fryske Nasjonale Partij (FNP). „Het zou mooi zijn als er Fries zou worden gesproken in het Europese Parlement. Met name vanwege de symbolische waarde: ’Kijk eens, onze taal telt mee in Europa’.”
Maar zelfs voor de FNP heeft het geen prioriteit. „De positie van het Fries binnen Friesland en Nederland, met name in het onderwijs, is belangrijker”, zegt Kramer.
Voor Kathalijne Buitenweg, Europarlementariër van GroenLinks, is de kakofonie in Brussel al erg genoeg zonder regionale talen. „Je moet oppassen dat je geen prestigestrijd ontwikkelt over officiële talen.” Ze vindt dat er een rem gezet moet worden op het aantal talen dat er nog bijkomt. „Ik denk dat bekeken moet worden: Is het echt een groot probleem dat die debatten niet in het Fries vertaald worden?”
Buitenweg pleit voor een meer praktische aanpak, de introductie van één taal, het Engels, als spiltaal. Volgens haar een goedkopere en werkbaardere oplossing.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.