Veel werknemers met een kleine arbeidshandicap staan binnen twee jaar op straat. „Een maatschappelijk schandaal”, vindt het CNV.
De vakbond bracht gegevens naar buiten uit een onderzoek dat bonden en werkgevers via de Stichting van de Arbeid hebben laten verrichten. Het onderzoek betrof mensen die voor minder dan 35 procent arbeidsongeschikt zijn bevonden. Zij werden tussen maart en juli vorig jaar beoordeeld voor de WIA, de nieuwe WAO. Op dat moment waren zij twee jaar ziek.
Van deze werknemers had meer dan de helft inmiddels geen dienstverband meer bij de eigen werkgever. De meeste vertrokken werknemers – 62 procent – hadden ontslag gekregen. Sommigen hadden elders emplooi gevonden. Van de ontslagen medewerkers zag ruim de helft zelf nog wel mogelijkheden in het eigen bedrijf. Per saldo was 46 procent van de onderzochte groep aan het werk, hetzij bij de eigen, hetzij bij een nieuwe werkgever.
Volgens het CNV houden werkgevers zich niet aan hun beloften bij de invoering van de WIA: mensen die voor minder dan 35 procent worden afgekeurd, moeten in dienst blijven van hun werkgever. Deze groep heeft in het nieuwe stelsel namelijk geen recht op een uitkering.
Werkgeversorganisatie VNO-NCW herinnert zich de gemaakte afspraak iets anders: werkgevers moeten weliswaar hun uiterste best doen de ’35-minners’ in dienst te houden, maar kunnen daarvoor geen harde garanties geven, zeker niet in kleine bedrijven waar soms geen geschikt (ander) werk te vinden is. VNO-NCW wil meer aandacht besteden aan plaatsing buiten eigen bedrijf of sector.
Maar de werkgeversorganisatie vindt de onderzoeksgroep met 1150 werknemers te klein voor harde conclusies. Ook meent ze dat CNV-voorzitter René Paas voor zijn beurt gesproken heeft en selectief gegevens uit het onderzoek plukt: ’Niet genoemd wordt dat veel werknemers zelf hun gezondheidstoestand aanvoeren als reden voor het niet werken’. Een grote groep, aldus de werkgevers, is het niet eens met de beslissing van het UWV hen voor minder dan 35 procent arbeidsongeschikt te verklaren, en is daartegen in beroep gegaan.
Het CNV vreest echter dat werkgevers gewoonweg geen zin hebben tijd en energie te steken in mensen die gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn. „Het heeft veel te maken met willen”, meent een woordvoerder. „Terwijl werkgevers die deze mensen wel in dienst nemen, juist erg enthousiast zijn over hun inzet.” Volgens het CNV worden jaarlijks bijna 20.000 mensen voor minder dan 35 procent afgekeurd.
FNV-bestuurder Leo Hartveld constateert dat de afspraken tussen werkgevers en werknemers voor de helft werken. „Maar we hebben de afspraken voor iedereen gemaakt. We hebben het over mensen die grotendeels wél arbeidsgeschikt zijn.”
Volgens Hartveld valt er veel te leren van ondernemers die het al goed doen. Hij wijst op luchtvaartmaatschappij KLM die tijdelijk een ontslagverbod voor de tot 35-procent afgekeurden heeft ingesteld. „Ook moeten we naar de overheid, omdat de keuring te streng is. Mensen worden slechts 35 procent afgekeurd, maar blijken te ziek om te werken.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.