Ter geruststelling: de papegaaienziekte heeft niets te maken met de beruchte vogelgriep. Die wordt veroorzaakt door een virus dat, als het ongelukkig muteert, snel van mens op mens kan overspringen en vele levens kan eisen. De papegaaienziekte wordt veroorzaakt door een bacterie, de Chlamydophila psittaci. Die is makkelijk klein te krijgen met antibiotica. Besmetting van mens op mens is nagenoeg uitgesloten.
Anders dan de term papegaaienziekte doet vermoeden, treft de aandoening niet alleen papegaaien. Vrijwel alle soorten wilde en tamme vogels kunnen ermee besmet raken. Geïnfecteerde vogels hebben meestal nergens last van. Mochten ze toch ziekteverschijnselen vertonen, dan uiten die zich vooral als loomheid, slecht eten, uitdroging, diarree en ontstekingen van het oog- en neusslijmvlies. Soms is acute sterfte onder vogels een eerste aanwijzing voor een uitbraak.
Besmette dieren scheiden de bacterie uit in al hun lichaamsvocht: slijm, traanvocht, mest en snot. Buiten het lichaam kan de ziekteverwekker vrij lang overleven. Zo ook in volièrezand. Van daaruit kan de bacterie, via dwarrelende stofdeeltjes, door mensen worden ingeademd. Hoe intensiever het contact met de vogels, hoe groter de kans op besmetting.
De zieken in Weurt waren dan ook vooral mensen die langere tijd op de tentoonstelling hadden rondgelopen. Maar in principe kan een kort bezoek aan één zieke vogel al voldoende zijn.
Bij de mens doen de eerste symptomen zich voor na een incubatieperiode van één à twee weken. Het patroon varieert sterk: van bijna geen klachten of een lichte verkoudheid of griep, tot en met ernstige longontsteking, leverproblemen en hartklachten. Bij ouderen die al verzwakt zijn kan de ziekte, indien onbehandeld, fataal aflopen.
Een uitbraak van papegaaienziekte bij de mens, met mogelijk tientallen zieken, is tot nu toe in Nederland niet eerder voorgekomen. Dat zegt dierenarts Fred van Zijderveld van het Centraal Instituut voor Dierziektencontrole CIDC in Lelystad. Omdat er een aangifteplicht voor de ziekte is, bestaat daarvan een goed beeld.
Van Zijderveld, hoofd van de afdeling Bacteriologie en plaatsvervangend directeur van het CIDC, verwacht dit weekeinde de eerste monsters binnen te krijgen van vogels die op de show in Weurt zijn geweest. De Voedsel- en Warenautoriteit verzamelt de monsters vanaf vandaag en kan binnen uiterlijk tien dagen vaststellen welke vogels besmet zijn.
Volgens Van Zijderveld krijgt het CIDC gewoonlijk zo’n tien monsters per jaar binnen van vogels die mogelijk papegaaienziekte hebben verspreid. In die gevallen is het vrijwel altijd de handelaar of fokker die ziek is geworden. In heel Nederland worden volgens het RIVM zo’n dertig gevallen per jaar gemeld.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.