De stijgende huizenprijzen dwingen kopers vaker spaargeld aan te wenden voor de aanschaf van een huis.
Dat liet voorzitter Wim van Kampen van de makelaarsvereniging NVM gisteren weten bij de presentatie van de jaarcijfers over 2006. De NVM voorziet voor volgend jaar een waardestijging van koopwoningen van gemiddeld 5 procent.
De NVM sprak gisteren haar bezorgdheid uit dat woningen voor groepen als starters onbetaalbaar worden. Tegelijkertijd echter rekent de vereniging op een aanhoudende stijging van de prijzen. Hoe kan dat? „Het antwoord ligt in de stille reserves”, zei Van Kampen. „Starters gebruiken geld uit een erfenis of ouders springen bij met eigen spaargeld. Op die manier zoekt men toch naar een oplossing.”
In het vierde kwartaal zijn huizen 1,1 procent in waarde gestegen ten opzichte van het voorgaande kwartaal. In heel 2006 werden huizen gemiddeld 3,7 procent duurder. De gemiddelde prijs van een koopwoning komt nu uit op 241.000 euro.
Van Kampen maakt zich zorgen over de hoge prijzen. „Door de verwachte stijging van de huizenprijzen en de oplopende rente is een kritisch betaalbaarheidsniveau bereikt, waardoor kopers minder makkelijk een huis kunnen kopen.”
Volgens de NVM zouden steden er goed aan doen om verwaarloosde wijken op te knappen of bepaalde delen te slopen voor nieuwbouw. „Het is niet zo dat we alle laagstbetaalden uit hun huurhuis willen halen. Maar in sommige wijken is een betere mix wel gewenst”, aldus Van Kampen. De NVM denkt dat de gerevitaliseerde wijken starters zouden trekken. „Maar ook welgestelde ouderen, die graag dicht bij de faciliteiten van de stad willen zitten”, aldus Van Kampen.
Bij eventuele prijsdalingen door politieke beslissingen, zoals een beperking van de hypotheekrenteaftrek, zijn zelfs starters niet gebaat, vindt de NVM. „Prijzen mogen dan wel dalen, maar starters vinden geen geschikte woning. Dat komt omdat de doorstroming stagneert.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.