Marinus van den Berg, publicist over afscheid, sterven en rouw, schrijft in Trouw van 4 januari: cijfers over het overlijden van kinderen zeggen niets. We hebben ook de verhalen nodig van ouders, zussen, broers, grootouders.
Hij zegt: een overleden kleinkind is een verlies dat weinig aandacht krijgt, er zijn nauwelijks egodocumenten of onderzoeken over te vinden.
Als grootmoeder van een overleden kleindochtertje kan ik dit helaas maar al te zeer beamen. Zoals ik bij het overlijden van mijn ouders troost zocht en vond in de boeken van Marinus van den Berg, zo heb ik tevergeefs gezocht naar boeken over bovengenoemd onderwerp.
Mijn ervaring is dat het verdriet om het verlies van een kleinkind een verborgen, welhaast verboden verdriet is (dat om je kind en dat om het verlies van een deel van jezelf: je kleinkind). Het is nauwelijks geaccepteerd om dat te uiten. Immers de ouders zelf hebben het grootste verdriet en de grootouders zijn ’maar’ grootouders.
Daarbij komt dan ook nog het statistische gegeven dat tachtig procent van de relaties stukgaat na de dood van een kind, zodat inderdaad de hele familieladder wordt geraakt en in elkaar zakt.
’Tout passe. Le temps reste’, zegt Diderot. ’Alles gaat voorbij, behalve het verleden’, geeft Luc Huyse als paradoxale titel mee aan zijn boek over Afrika.
Bij het sterven van een (klein)kind zou ik willen zeggen: ’Alles gaat voorbij, zelfs de toekomst’. En dat maakt het verlies onaanvaardbaar en het verdriet onuitspreekbaar.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.